Zomerreis 2004


Klik voor vergroting

Gewoonlijk zijn de lezers en lezeressen van de Electro- en de gewone "BAD" gewend om aan het einde van het zeilseizoen de belevenisjes (ik ben geen Henk de Velde) van mijn zomerreis te lezen. Er waren zelfs totaal onbekende zeilers die informeerden of mijn naam Reijer Bergsma was. En na mijn bevestigend antwoord kreeg ik dan te horen dat ze mijn verslagen in het Internet gelezen hadden. Zo word je nog eens beroemd. Ik moet jullie dit jaar helaas teleurstellen. Geen zomerreis, dus ook geen verslag. Wel een kort verhaaltje. Door verschillende omstandigheden is er dit jaar weinig van terechtgekomen. Ik had wel grootse plannen in mijn hoofd, maar helaas het lot besliste anders. Al voor het tweede jaar!

Ik was wel na terugkomst uit Duitsland, ongaarne afgestaan door mijn vriendin (ze vond een kok en huishoudhulpje wel aangenaam), met frisse moed aan het schuren, lakken en poetsen gegaan. En Wallie lag dan ook keurig op tijd in z’n element. Maar dan kwam als eerste een verzoek van de zoon van mijn vriendin, of ik niet een weekje wou komen. Hij vertrok namelijk, samen met zijn vriendin, voor onbepaalde tijd naar Fuerte Ventura. Hij had het wel gezien in het koude Duitsland en ging zijn geluk ergens anders zoeken. Ik kan hem geen ongelijk geven. Hij was bang dat zijn moeder bij het afscheid het te kwaad zou krijgen. Ze heeft namelijk veel goede dingen, maar een avontuurlijke geest hoort daar niet bij. Als we bijvoorbeeld in de bergen of in de bossen wandelen krijg ik haar heel moeilijk van de gebaande paden af; je weet maar nooit of we straks voor een afgrond staan en dan moeten we dat héle stuk weer terug. Werken bij de staat, en een keurig pensioentje op bouwen, is meer in haar straatje. Ze zag dus ook met lede ogen aan hoe haar zoon zijn plannen trok. Dus wat doe je in zo’n geval, je gooit een dekzeil over Wallie en je stapt op de trein. Na alle tranen gedroogd en opgewist te hebben kwam ik twee weekjes later weer terug bij Wallie. Zo, en nú kon het plezier beginnen. Ja, mooi niet! Het huis van mijn vader, nadat hij het met negentig jaren jong eindelijk tijd vond om in een verzorgingshuis te gaan, werd verkocht. Dus dat werd notaris bezoek en het financiële regelen. Ook kwam de notaris er natuurlijk achter dat ik op het moment dat mijn moeder stierf nog getrouwd was. Dus moest na ruim twintig jaar mijn ex opgespoord worden en kreeg ze ook nog wat mee; een deel van het kindsdeel, moederszijde.

Na die rompslomp kon dan eindelijk Wallie opgetopt worden met victualiën en licht alcoholische versnaperingen en zeilden we de rust en vrijheid tegemoet. Het was inmiddels al de eerste week in juni. De koers werd in de richting van de Zandkreeksluis gelegd. De Oosterschelde riep! De noordwestenwind was matig en de zon scheen lekker. Prima weertje. Tegen drie uur liepen we de haven van Kortgene aan voor benzine. Daarna verder naar de sluis, waar we een kleine twee uur later achter de spijker gingen. Onder het genot van het eerste biertje werden de getijdengegevens van de volgende dag bestudeerd. Mijn bedoeling was om naar de Roompotsluis te gaan. Het was om 06.00 uur hoogwater. Niet zo gunstig dus!

Zondag 06-06, 2-3 z.o. onbewolkt, 20° - 24° prima weertje.
05.30 uur overal en om halfzeven door de sluis. Dat was even wennen. Het was totaal windstil, dus ging voor het strandje van Kats de spijker weer in de grond. Genieten van de opkomende zon, een vers bakkie koffie, en wachten op wind. Tegen negen uur was het zover. Er kwamen wat rimpels uit oostzuidoost en het begon zachtjes te waaien. Een mens is gauw tevreden, dus werd het anker gelicht en gingen de zeilen omhoog. De eb liep al drie uur, dus konden we de Roompotsluis voorlopig uitsluiten. Of de wind moest zo aanwakkeren dat we de vloed dood konden zeilen. Maar een rondje Vuilbaard zat er misschien wel in. Halverwege de Zandkreek ging ik over op de stuurriem en schoven we over de platen in de richting van Kats. Op de Oosterschelde aangekomen konden we op een aan de windse koers in de richting van Zierikzee zeilen. Het werd een gerelaxt tochtje. Tegen halftwaalf schoven we onder de brug door. Voor Zierikzee gingen de druil en de fok weg en vervolgden wij onze koers langs de groene boeienlijn van de Vuilbaard op het grootzeil. Het was pal voor de wind en dan stoort zo’n wapperende fok alleen maar. En ook de druil is dan nutteloos.

Nabij de boei R21 kon ik op de riem sturend een babbeltje maken met de schipper van een alleraardigst scheepje dat op de Vuilbaard was vast gelopen. Hij liep tot z’n middel in het water, verbonden met zijn schip door een stevige lijn, rondom de boot en inspecteerde het onderwaterschip. Hij nam de zaak nogal kalm op. Het water gaat en het water komt was zijn verhaal. Dat is al miljoenen jaren zo, dus dat zal zeker ook vandaag weer gebeuren! Verder prees hij mijn Wallie. ‘Een prima scheepje voor deze wateren’ waren zijn woorden. En gelijk had hij! Nog een laatste groet en onze wegen gingen weer uit elkaar. Nabij de boei R17 was het zo langzaam gedaan met de eb en begon de vloed te lopen. Alles naar wens van de eenzame vastgelopen schipper. Wallie ging onder vol zeil op een halve windse koers naar de dijk van Noord Beveland. De wind, die anders met het kenteren van het tij nog weleens aanwakkeren wil, liet het nu zo langzaamaan steeds meer afweten. Totdat er een totale blaakte over ons kwam! Het werd weer mee driften op de stroom. Bij de meeste zeiljachten werden al spoedig de zeilen ingerold en kwamen er rookpluimpjes uit de uitlaten. De mensen hebben, zelfs in de vakantie, altijd haast. Jammer! Bij mij ging alleen de motor even bij om onder de brug door te komen. Het is niet leuk als je door de stroom tegen de pijlers gezet wordt. Op de hoek van Kats kwam de wind weer terug en blies ons over de platen naar de sluis. Bij de sluis aangekomen bleek de oude brug defect te zijn. Het kon wel een paar uur duren. Ik kon wel onder de brug door en meerde af in de lege kolk. Na twee uurtjes rust, die werd doorgebracht met een hap en een slok, ging de brug weer draaien en liep de kolk vol. Na het schutten achter de spijker op ons oude stekkie. Heerlijk rustig!

Vanuit mijn ankerplek kon ik voor de eerste maal de nieuwe spuisluis, die in de dijk ingebouwd is, in werking zien. Het belooft een enorme verbetering van de waterkwaliteit van het Veersemeer, alleen mopperen de mensen nu weer dat er zo veel kwallen rond zweven. Hij staat constant open en laat vers water naar binnen, en met de eb gaat het vuile water er weer uit. Ik was eerst bang dat het een groot stuk van het meer zou opslokken, maar dat valt reuze mee. Alleen vlak onder de dijk ankeren is minder geworden. Maar daar anker ik sowieso nooit. Alleen aan de Oosterschelde kant is de vrijheid van de badende mensen aan het Katse strandje een stuk minder geworden. Gele boeitjes en een reddingslijn moeten onheil voorkomen. De waterstroom die door de sluis geperst wordt is geweldig!


Klik voor vergroting

Maandag 21–06, zwaar bewolkt, 3-5.zw, 14° - 22°, droog, regen.
We zijn een goeie twee weken verder in de tijd. De twee weken zijn zoet gebracht met tochten op de Oosterschelde en toertjes om het eiland Tholen. Redelijk tot slecht weer. We liggen nu voor anker op ons stekkie achter de sluis. Help, help, ik word aangevallen door een grote en zeer brutale Keizermeeuw! Rustig op kooi lezend komt er steeds een grote meeuw via de papagaaistok en het halfdek in mijn ‘woonkamer’ loeren. Hij ruikt zeker de pas gebraden kippenpootjes! Ja jongen, dié zijn wel voor mij bestemd. Hé, wacht, ik heb nog een stuk ouwe harde worst, ik wou die sowieso niet meer verspijzen; misschien kan ik je daar een plezier mee doen. Zo gezegd zo gedaan. Het water droop uit z’n snavel van begeerte. Je snapt niet waar die vogels zo’n halve harde worst laten, alles ging naar binnen. Verbazend! Ondertussen kon ik met mijn nieuwe aanwinst het hele gebeuren voor het nageslacht vastleggen. Een digitale camera ( een verjaardagsgift van de zoon van mijn vriendin) maakte dat mogelijk. Ben ik eindelijk in de moderne tijd aanbeland. Computer, digitale camera en mobiele telefoon. Alleen zit je nu weer met het probleem, hoe laad ik die handel op als ik aan boord ben. Inmiddels is daar via de buitenboordmotor ook een oplossing voor gevonden.

Tegen 23.00 uur een zeer zware onweer- en regenbui. Ik begrijp het nog steeds niet, of eigenlijk wel, maar als ik in een onweersbui zit, vooral voor anker liggend, krijg ik steeds een licht paniekerige stemming. Regenpak aan en buiten in de kuip, klaar om overboord te stappen, de bui doorstaan. Het duurde gelukkig niet lang. Ik denk dat dat onrustige gevoel tijdens een onweersbui terug gaat tot in mijn jeugd. Tijdens een schoolvakantie, die we samen met mijn moeder doorbrachten in een zomerkamp in Bakkum aan zee, brak er op een nacht ook een verschrikkelijk onweer los. Mijn moeder haalde ons uit bed en aangekleed stonden we klaar om het houten huisje te ontvluchten. Ik zie het nog voor me; mijn moeder had een koffertje gepakt met voor haar belangrijke spulletjes, en ze probeerde ons rustig te houden. Heel angstig allemaal. Ons gebeurde gelukkig niets, maar links en rechts van het huisje waren bomen als lucifers omgeknakt. Gek, nu ben je vierenzestig en toch blijft die herinnering levend.

Dinsdag 22-06, zwaar bew. 2-4 ZO, 14° - 22° droog, regen.
Gisteravond nog gebeld met de vriendin, ze zou op het eind van de week voor een paar weken naar Fuerte Ventura vliegen om haar zoon te bezoeken. Ze wou perse zien hoe hij de eerste tijd doorgekomen was. Het was eigenlijk niet de bedoeling dat ik mee zou gaan. Ik wilde zeilen! Maar ja, ze zou het toch wel érg érg fijn vinden als ik mee wilde vliegen. Dus wat doe je dan als zwak mens, je stemt toe. Eigenlijk vond ik het ook wel leuk om een poosje flink van de zon te genieten. Hier was het niet zo denderend met het weer. Vanavond zou ik horen of er nog een plaats in het vliegtuig was. Ja en dan moet je weer het hele plan wat je in je achterhoofd hebt omgooien. Terug naar de omloop en Wallie klaar maken voor een paar weken eenzaamheid. Tegen elf uur anker op en op een bezeilde koers naar de omloop, waar we tegen drie uur in het slootje voor anker gingen. De weersberichten voor de aankomende dagen zijn zeer slecht; hier liggen we tegen alle windrichtingen uitstekend beschut. ’s Avonds een belletje, ik kon met hetzelfde vliegtuig mee. Heen en terug voor € 50 goedkoper dan Roswitha’s ticket. En dát zat haar behoorlijk dwars.

Woensdag 23-06, 3-9 zw, 17° - 20°, regen, droog, zéér zware windstoten!
08.00 uur overal. De havenmeester gebeld dat ik morgen in de loop van de dag terug kom. Voicemail terug, mijn box was bezet, maar ik kon in een andere box. Het weer is bar slecht, veel regen en wind. Alzo weer terug onder de wol. Te slecht om te zeilen! We liggen hier prima.

Donderdag 24–06, zwaar bew. 8-9 ZW, 17° - 18°, regen, droog, zéér zware windstoten.
07.00 uur overal. Na de ochtendbeslommeringen Wallie verhaalt naar de steiger en gereed gemaakt voor de trip naar de thuishaven. Het was recht tegen de wind in, dus was zeilen geen optie. IJzeren Hein moest z’n best doen. Wel de stormfok in de roller gezet en de druil gereefd. Het grootzeil kon ingepakt blijven. Bij onverhoopte motoruitval kon ik dan voor de wind de beschutting opzoeken. Tijdens de werkzaamheden werd ik belangstellend gade geslagen door een paar lieden. Of ik met zulk weer met zo’n bootje (ik haat dat minachtende woord: ‘bootje’) naar buiten ging. Op mijn ja woord schudde de lieden hun ‘wijze’ hoofd en antwoordde ze: ‘tjonge, jonge’! En dan de lijnen los, and lets go! De eerste twintig meter nog in de luwte van de bomen. De luitjes liepen belangstellend mee en hoopte waarschijnlijk op een spannend scheepsdrama. Het waren ook wel machtige golven die van uit de luwte zichtbaar werden. Brrrr! En dan begon de dans, die een klein uurtje later eindigde doordat we in het havenkanaaltje kwamen. Wallie had zich keurig gehouden en me droog naar de haven gebracht. Jammer voor de lieden! Afgemeerd en Wallie gereed gemaakt voor drie weken rust.


Klik voor vergroting

Zaterdag 17–07, licht bew. 2-3 zo. , Onweer, zware windstoten, ± 20° droog, regen.
Na drie weken vakantie op Fuerte Ventura zijn we weer terug op de boot. Fuerte Ventura is een fascinerend en droog woestijn eiland. Een gemiddelde temperatuur van zo’n dertig graden en een constante passaatwind uit noordoost(7-8), die de nodige verkoeling brengt. Een paradijs voor surfers. Eindeloze stranden, die uitnodigen tot uren lange wandelingen. Ook het off-road racen met een Jeep door de bergen is eindeloos. Er zijn twee soorten toeristen die op dit eiland komen. De éérste komen en schrikken zo van de dorheid en leegte dat ze nooit meer terug komen. En de andere soort zien het eiland en komen elk jaar weer terug. Ik behoor zeker tot de laatste categorie. Vooral ook omdat ze er een heerlijk koel bier tappen! Tegen twaalf uur waren we zeilklaar en gooide ik de trossen los. Eerst maar op de zuidoostenwind een toertje naar de dam. Voor de wind is mijn lievelings koers. Kan je lekker bij luieren. Op de terugweg begonnen zich boven Veere zeer donkere wolken te ontwikkelen. Dat zag er niet goed uit! Voor Veere aangekomen vond ik het toch raadzamer om de zeilen te bergen en een vluchthaventje op te zoeken. Gelukkig is dat op het Veersemeer geen probleem. Afgemeerd in een haventje op de Haringvreter. Als beginneling op stomme wijze aan de lage wal. Wallie in rap tempo stormklaar gemaakt. Als laatste het zeiltje opgetuigd. Alsof de bui daar op gewacht had kwam hij daarna tot ontlading. Wat een geweld! Zeer zware windstoten, machtig veel regen en geweldige bliksemschichten. Wallie kreeg het nu door mijn stomme zet zwaar te verduren. Mijn toch wel vrij dikke stootwillen waren onvoldoende. Gelukkig had ik voor een paar jaren terug een splinternieuwe overmaatse stootwil voor Willemstad uit het water gevist. Die kwam nu goed van pas. In onderbroek (blijft de jeans droog) en regenjack de stootwil uit z’n bergplaats gehaald en geplaatst. En zo kwam Wallie goed door de bui. Na het onheil besloot ik om weer te vertrekken en naar de omloop te gaan. Dit haventje was door de windrichting een klotsbak geworden. In het slootje op voor- en achteranker kwam Wallie een uurtje later tot rust en kon ik het eerste biertje open trekken.

Zaterdag 24-07, licht bew. 3-4 wnw. 18° - 25°, droog. Nevelig, Mooi weer.
06.30 uur overal. We zijn een week verder in de tijd; een week die zonder grote gebeurtenissen is verlopen. De meeste tijd thuis doorgebracht, bezoek. We liggen in het kleine haventje van Geertsdijk. In vroegere tijden werden hier de suikerbieten en andere landbouwgewassen op schepen verladen. Het huisje van de havenmeester staat er nog. Alleen is het nu gerenoveerd tot een vakantiehuisje voor de een of andere patser. Het staat de meeste tijd van het jaar leeg, met de blindeerluiken voor de ramen. Na een vlug ontbijt de lijnen los en roeiend naar buiten. Ik wou de langslapers niet door motorgeronk uit de kooi jagen. De wind was te verwaarlozen, dus ging de motor aan om een klein uurtje later in de jachthaven van Kortgene af te meren. Benzine en victualiën laden. Ook het water was krap geworden. Je moet alleen hier niet op de passantensteiger water laden. Kosten: één Euro voor honderd liter. Eerstens is honderd liter voor mij een beetje te veel en tweedens kan je op een normale steiger voor niets tanken. Je moet op de kleintjes letten! Ook schafte ik een nieuwe kaart van de Westerschelde aan. De oude viel van ellende uit elkaar. Er waren namelijk plannen voor de Belgische kust.

Na de werkzaamheden weer onder zeil en koers gezet naar de sluis. ± Twaalf uur geschut en op het laatste uurtje eb de Zandkreek uit. Ik ging eigenlijk een beetje roekeloos kruisend door de stroom uitgaande schepen heen. Er moesten een paar jachten flink voor me uitwijken. Dat is eigenlijk helemaal mijn stijl niet. In het vervolg maar eerst rustig de stroom voorbij laten gaan voordat ik de zeilen omhoog trek! Tijdens het zeilen gingen er drie mogelijkheden door mij heen. Ik kon droogvallen op het verdronken land van Zuid Beveland (Rattenkaai), tweede keus was om door het kanaal van Zuid Beveland naar de Westerschelde uit te wijken. En de laatste mogelijkheid was de sluis bij Tholen en dan achter de dijk ankeren en dan morgen via het plaatsje Tholen (wasgoed wassen) naar de Grevelingen. De Westerschelde was gezien het tij niet zo gunstig. In Hansweert is geen overnachtingsmogelijkheid voor jachten. En Terneuzen zou nachtwerk worden. Het droogvallen bij de Rattenkaai zou pas laat in de nacht plaats vinden. Ook niet zo leuk. Dus het werd de Bergschediepsluis bij Tholen.

De wind was inmiddels lekker opgebriest, we konden dus op een bakstagkoers onder voorzeil en druil op de sluis afkoersen. Tegen zes uur door de sluis en na een vergeefse poging om vlak onder de dijk te ankeren afgemeerd aan de wachtsteiger van de sluis. Je kan merken dat je hier weer op zoet water bent want de ankerplek was volgegroeid met gras. Daardoor was de motor niet te gebruiken. Ik probeerde vergeefs roeiend tegen de harde wind in naar de luwte te komen; elke haal met de riemen bracht een lading gras mee omhoog. Jammer! Veel spinnen en muggen.

Zondag 25-07, zwaar bew. , 3-4 wnw. 20° - 20° regen, droog.
08.00 uur overal en na het ontbijt op fok en druil naar het plaatsje Tholen, waar we tegen elf uur in een box afmeren konden. Het weer was vies! Een constante regen en een kouwe wind. Een van de vele kleine depressies die overwaaide. Morgen beloofde het beter te worden. Er is een hogedrukgebied in aantocht. De dag zoet gebracht met wasgoed wassen, douchen en een biertje lurken in het clubhuis.

Maandag 26-07, 3–6 nw. 20° - 22° droog!
08.00 uur overal, en na een uurtje op de motor door het kanaal. Het was niet bezeild en ik moest ook de batterij opladen. Na anderhalf uur waren we door het kanaal en konden we onder zeil. Het grootzeil dubbel gereefd. Er stond inmiddels een stevig briesje. Bij de Krammersluis moest er drie kwartier gewacht worden om geschut te worden. Dat is hier altijd een langdurige zaak, ondanks dat er twee jachtensluisjes zijn. Er word hier van zoet naar zout gewisseld en dat heeft zijn tijd nodig. Na het schutten op een redelijk bezeilde koers de Krammer opgezeild. Tot de hoek bij Sint Annaland hoefde er maar één korte slag gemaakt te worden. Doordat het zo lekker ging vergat ik eigenlijk helemaal dat ik naar de Grevelingen wou. Ook geen ramp, dan gaan we door naar de Zeelandbrug en eventueel de Roompotsluis. Vanaf Sint Annaland kon er met een slag tot aan de brug gezeild worden. Dat gebeurt hier niet vaak. De zon kwam er goed door en de wind trok aan tot een zesje, heerlijk zeilen! Tegen vier uur schoven we onder de brug door. Het getijdenboekje gaf voor laagwater een tijd van 16.30 aan, maar deze keer had Wallie er lak aan. We gaan door! Na het ronden van de scheidingston "R15, SVK2" werd de stroom toch te veel voor Wallie en besloten we om op een vliegende vaart terug naar het Veersemeer te jagen. Genieten geblazen. Bij de sluis aangekomen kon ik gelijk de kolk invaren, de sluismeester bleef de deuren open houden. We worden zo langzaam bekend bij de jongens daarboven in het hokje. Een groet en afmeren. Na het schutten achter de spijker op ons stekkie!

Donderdag 29-07, onbewolkt, 3-2-1-0 no. 20° - 26°, prachtig weer, maar slappe wind.
We liggen weer voor anker bij de Zandkreeksluis. Het is zes uur in de morgen. We hebben drie dagen geluierd op het meer. Maar nu zijn er plannen voor de Westerschelde en eventueel de Belgische kust. We hebben een vlug ontbijt achter de kiezen en slurpen nu, onder het van de plaat afroeien, een fris gezet bakkie koffie. Zo gauw er genoeg water onder de boot was ging de motor aan. We wilden zo vlug mogelijk door de sluis. Er wachten ons een lang dag! Jammer, we waren één schutting te laat. Storing aan de kolkdeur. Afgemeerd aan een dukdalf en wachten maar. Daar gaat de hele berekening. Anderhalf uur later was de storing verholpen en kon er geschut worden. Inmiddels liep de vloed. Alzo ging bij hoge uitzondering de motor aan. Ik wou zo snel als mogelijk de kreek uit, ook al omdat de wind recht op kop was. Nabij de kardinaal "Mosselplaat" kon de motor uit (wat een rust) en gingen de zeilen het werk overnemen. Het werd een kruisrak naar Wemeldingen. Gaandeweg werd de wind steeds zwakker. Halftwaalf was de wind totaal op en ging IJzeren Hein weer bij. We waren sowieso vlak bij het kanaal door Zuid Beveland. 12.15 voor de sluis bij Hansweert. En half uurtje rondjes draaien en dan samen met de beroepsvaart door de sluis. Als jacht kom je hier op de laatste plaats!

Het is jammer dat hier helemaal geen mogelijkheden zijn om af te meren voor jachten. Je zou met het oog op het tij meer mogelijkheden hebben. Nu moet je eigenlijk op het tijdstip van hoogwater door de sluis, als je tenminste naar het westen wilt. Na het schutten weer onder zeil en op een zwak briesje de voorhaven uit en de Westerschelde op. Ik koos voor het Middelgat en de Geul van Baarland om koers te zetten op Vlissingen. Iets voorbij Hoedenskerke, waar een leuk getijdenhaventje is, was de wind totaal op en werden we door de sterke stroom voortgespoeld. Dan toch maar weer de motor aan, ongaarne. Ik wou enigszins de boeienlijn volgen om niet ergens op een plaat droog te vallen. Het plan was om in de vissershaven van Vlissingen samen met mijn zoon en zijn vriendin een biertje te drinken. Het was heet, bloedheet mag je wel zeggen! Geen wind en een felle zon! Tegen zeven uur draaide we de vissershaven binnen, om daar tot de ontdekking te komen dat het benauwd heet, overvol en kermis was. Daar had ik helemaal niet aan gedacht. Er was nog één scharrig plekje in de rommelhoek vrij. Nee, dank u! Rechts omkeert en de haven weer uit. Nagestaard door een beledigde havenmeester. Mijn zoon gebeld en de afspraak verlegd naar het kanaal door Walcheren. Het werd nog een gezellige afsluiting van de avond, vooral ook omdat het de verjaardag van Sonja, de vriendin van mijn zoon, was. Ze brachten vier heerlijke kouwe biertjes, een fles wijn en een smakelijke rijsthap mee! En dan kan je na een vermoeiende maar interessante tocht heerlijk slapen!


Klik voor vergroting

Vrijdag 30–07, half bew. 0-1-2 west, 20° - 27° graden, prachtig, doch benauwd weer!
07.00 uur overal. Er trekt op het moment een zwakke depressie over Zeeland. Totaal windstil, tot heel zwak uit westelijke richting en dreigende regen. Die eeuwige tweestrijd! Verder naar de Belgische kust (hoogwater ± 13.00) of boodschappen in Oost Souburg en dan verder naar Veere via het kanaal. Terwijl ik dit in het journaal schrijf komt er een zeer dreigende lucht aan en trekt de wind fel aan. Enigen bliksemflitsen en donderslagen volgen. Het bleek loos alarm. Na een uurtje was de bui zonder veel ellende overgetrokken. Ook de wind was weer 0%. Bij de gedachten aan gisteren; namelijk zonder wind in de bloedhitte ronddrijven en dan verzoeken de dertig mijl naar Oostende te overbruggen trok me eerlijk gezegd niet zo aan. Dat moest dan weer op de motor gebeuren. Plus dat we dan weer in zo’n overvolle hete jachthaven moesten liggen! Dus koos ik toch maar voor victualiën laden in Oost Souburg en dan verder door het kanaal. De brugbediening die tegenwoordig centraal vanaf de sluis in Vlissingen wordt geregeld viel best mee. Ik sloot me aan bij een flottielje en dat ging redelijk vlot. Alleen de motor speelde weer eens verrukt. Bijna geen koeling. Dat werd weer doorblazen geblazen op de haven. Je krijgt er wat van. Na de laatste brug in Middelburg konden de zeilen omhoog, het was bezeild tot Veere. Bij de sluis moest er een half uurtje gewacht worden. Dan de motor weer gestart, en zie de koeling was weer 100%. Ergens zit er een vuiltje dwars! Onder zeil naar de omloop. Dat is de enige plek waar je redelijk in de schaduw kan liggen. Vooral in het slootje. De wind was de hele dag slap tot 0% geweest. Het besluit was goed geweest!
Met deze korte Westerschelde tocht neem ik nu weer afscheid van de lezers. Er zijn verder in de rest van de zomer geen schokkende of dramatische gebeurtenissen gebeurd. Af en toe een dagtochtje op het meer en verder eigenlijk niets meer. Ook weer een paar weken naar Duitsland vertrokken.

Alzo, een groet aan alle lezers en lezeressen en een Toedeloe!!
Reijer Bergsma