Zomerreis 2003

Woensdag 30-04-03 half bew. 4-5 zw. 12° regen, droog.
16.00 Uur vertrek uit de haven, voor de zomerreis, die als uiteindelijke eindbestemming Denemarken had. Om precies te zijn het eiland Fyn, of op z'n goed Hollands: Fünen. Een rondje Fünen dat had ik al een paar jaar in mijn hoofd. Dat het allemaal wat anders zou lopen lag nog in de toekomst verborgen. Maar allereerst kwam de Hemelvaartstocht op de wadden, waarvoor ik me had aangemeld. Zondag de vijfentwintigste mei wilde ik voor Durgerdam achter de spijker liggen om de feedercruise mee te maken. Daar zou ik dan in de loop van de dag Chris v/d Broek en zijn vriendin Birgit met de Olle en Frans en Margot Schaake met de White Seal treffen. Uiteindelijk zouden we met zo'n zestien boten vanuit Den Oever voor vier dagen het wad opgaan. Eigenlijk ben ik helemaal niet zo'n type om met zo veel boten rond te kruisen. Een handje vol vind ik wel leuk dat houd het gezellig! Maar het wad is groot en de wind zal ons wel uit elkaar waaien. Dat het zo ook precies zou komen wist ik natuurlijk nu nog niet. 16.45 Uur voor anker in het windluwe baaitje van het Bastiaan de Langeplaatje. We hadden een drukke rompslomp dag achter ons dus was er niets tegen een rustig begin. Ter ere aan de verjaardag van Juliaantje en de aanvang van de reis het eerste biertje open getrokken. Na de zeldzame tien minuten zon moest al vlug het regenzeiltje opgetuigd worden en werd de wereld weer wat kleiner.

Reijer en Wallie, Klik voor vergroting Donderdag 01-05 zwaar bew. 6-7 zw. 10-13° Regen / dr. / onweer.
07.00 Uur overal. Zoals gewoonlijk begint mijn zomerreis altijd met slecht weer. Na het ontbijt anker op en op de fok en druil overgestoken naar de omloop. Ik had besloten om af te meren aan een steiger en op wat minder wind te wachten. In de omloop was ik beter beschut tegen de wind en had ik de mogelijkheid om de benen te strekken. Tijdens het middagdutje viel me plotseling in dat de houder voor het heklicht nog in de schuur lag. Dat wordt dus morgen terug naar de thuishaven en een wandeling naar het station in Arnemuiden. De dag verliep verder met aardig wat zon en een keiharde wind. Maar de omloop is door hoge bomen omgeven, dus is er hier weinig van te merken.

Vrijdag 02-05, zwaar bew. 3-4-8 zzw. 10-15° regen /droog / onweer.
07.30 Uur overal. Na het ontbijt terug naar de haven en aan de wandel naar het station. Tegen twaalf uur was ik weer terug aan boord en ging ik gelijk onder zeil naar de Bastiaan de Langeplaat. Een uurtje later lagen we vast aan de lijzijde van een steiger. Het waaide nog hard en de berichten voor de aankomende nacht waren somber. We wachten nog maar wat af. Tegen halfzes kregen we de eerste onweersbui over ons heen. Keiharde vlagen en veel regen. Goed voor mijn zoetwatervoorraad. Drinken doe ik het wel niet, maar je kunt er goed je edele delen mee soppen en de afwas mee doen. Met zo'n slecht begin is het wel moeilijk om er de zin in te houden. Voor de geest komen dan de twee vorige verregende Oostzeereizen. Maar kom laten we de moed er maar in houden, er wacht ons nog een hele zomer! Het biertje smaakt tenminste prima en is keurig op temperatuur. Het weerbericht van halfzeven gaf draaiende wind op west en toenemend tot acht Beaufort in de nacht, plus veel buien met onweer. Morgen afnemend en beter weer tot maandag. Extra trosje zetten en het zeiltje weg halen. Dat heb je niet nodig als je in de zak ligt.

Zaterdag 03-05, licht bew. 8-6 wzw. 15° droog.
07.00 Uur overal na een onrustige nacht. Als je aan de lijzijde van een vrij lage steiger ligt en er waait een halve storm dan is dat toch onplezierig. Gelukkig had ik voor het slapen gaan mijn voorzorgen genomen. Vallen goed en klappervrij tegen de mast gebonden en de giek met zeil op het roefdak laten zakken en stevig vast gesjord. Ik heb weinig zin om 's nachts rond te dolen. Ook was het anker met ketting aan het hoofdwant gebonden en overboord gezet. En dan voel je je, terwijl het buiten loeit en hoost, veilig in je overlevingscapsule! Gelukkig bleven we de nacht onweer vrij. Het is nu halfelf, de wind is iets afgenomen, maar het waaide nog te hard om te vertrekken. Tegen twee uur de lijnen los en weer de oversteek naar de omloop gemaakt en op het hek- en vooranker ten anker in een zijslootje. Ongeveer een halve meter diep en doodlopend.

Zondag 04-05, licht bew. 2-3 zzw. 8-20° droog, mooie dag.
07.00 Uur overal. Het kost nog steeds moeite om met acht graden buitentemperatuur en een condensnatte roef uit de warme zak te kruipen. Brrrr!! Maar het beloofde een mooie dag te worden, dus wordt er niet geluierd. 08.30 Uur onder zeil, het grootzeil kon op de halve wind op de giek blijven. Via Kortgene, om benzine en water te laden, naar de sluis, waar we twee uurtjes later in het hoekje bij de dijk voor anker gingen. Het tij op de Oosterschelde is vandaag niet zo gunstig dus gaan we morgen verder. In de avond genoten van een prachtige zonsondergang. Vuurrood en reusachtig zakte hij onder de horizon. In vroegere tijden wisten ze dan te vertellen dat het de volgende dag weer mooi weer zou worden. Maar in onze dagen luister je dan naar de weerberichten en die vertellen je dan dat het niet zo bijzonder wordt. We wachten maar af.

Maandag 05-05, zwaar bew. 2-3 zw. 10-14° droog / regen.
07.00 Uur overal, na een regenachtige en winderige nacht. Zo als gewoonlijk heb ik weer te lang getreuzeld om het ochtendtij naar de Roompotsluis te pakken. Buitenom zit in mijn plan inbegrepen. Dinsdag en woensdag wordt er goed weer voorspeld, daar wachten we dus maar op. Na grondige bestudering van getijdenbijbel en stroomatlas kwam er een vertrektijd van ± vijf uur in de morgen uit de bus rollen. Dat is wel erg vroeg voor het oude baasje! Het besluit valt daardoor om via de Krammersluizen te gaan. Dat geeft dan een betere vertrektijd voor een heer van stand, n.l. tien uur dertig van de buitenkant van de Zandkreeksluis. Stellendam is dan de volgende mogelijkheid om buitenom te gaan. Onder het genot van een biertje onder het regenzeil (het regent al de hele morgen pijpenstelen) genoten van moeder visdiefje en kind visdiefje. Moeder had een lekker visje gevangen maar verdomde het om haar sprosling te voeden. Ondanks het wanhopige geschreeuw van haar broedsel slikte ze het lekkere hapje steeds zelf naar binnen. Met die les: als je wat te slikken wilt hebben, dan zal je er zelf voor moeten zorgen! Verder de dag in ledigheid doorgebracht.

Dinsdag 06-05, Half bew. 1-2 zw., ruimend naar 4-5 nw. , 10-14° droog, mooi weer.
07.00 Uur overal en om 08.30 door de sluis. Na de sluis onder zeil op een zwakke zuidwesten wind. Gaandeweg ruimde de wind naar noordwest en trok wat aan. Er stond nog genoeg water om over de platen zeilend de Zandkreek uit te komen. Dat scheelde weer een slok op een borrel! Omdat ik tot één uur de tijd had voordat de vloed begon te lopen speelde ik met de gedachte om Zierikzee binnen te lopen (de eerste keer met de Walvis, ik kom anders nooit in Zierikzee, het is me daar altijd veel te druk) om het vuil en de lege blikken te dumpen. Maar nabij de Zeelandbrug stond er genoeg wind om de stroom dood te zeilen, dus gingen we stuurboord uit en doken we de Keeten in. Dat geeft de mogelijkheid om waarschijnlijk tot de Volkerrak sluizen te komen. Tegen twee uur, na een mooie pittige tocht, door de Krammersluis. Na een slok en een hap verder en vervolgens om zes uur door de Volkerraksluis. De deur stond al uitnodigend voor me open. Achter de sluis ten anker voor de nacht. Een half metertje water en goed beschut tegen de wind.

Woensdag 07-05, half bew. 0-2 zuid, 3-18°, droog, mooi weer.
07.00 Uur overal. Ik was al weer besluitloos. Er blaast een lekker briesje uit zuidelijke richting, prima voor Stellendam. Maar morgen, voor de eventuele oversteek naar Scheveningen of Ymuiden, kwamen er in de middag al weer buien met onweer. En dat lijkt me dan toch niet zo'n succes om dan op groot water te zitten. Bij nader inzien was het toch beter geweest om gisteren naar de Roompotsluis te zeilen. Dan had ik nu een mooi tripje naar Stellendam gehad. Maar ja dat is nakaarten! Eerst maar koers zetten naar Stellendam en dan zien we wel weer verder. Ik heb nog een paar dagen om het aan te zien; ik hoef pas de vijf en twintigste mei in Durgerdam te zijn. Tegen halftien anker op en onder zeil. De zwakke wind ruimde gaandeweg naar zuidwest. Tegen twaalf uur hadden we ons voorbij het eiland Tiengemeten geworsteld en werd het twaalfuurs biertje genuttigd. Onder het consumeren viel de wind totaal weg en dreven we maar wat rond. Langzaam maar zeker werden we door de vloedstroom weer terug naar het eiland gezet. Dát is niet leuk! Ook werden we zo vroeg in het voorjaar alweer geteisterd door de zoetwaterplaag: namelijk groene vliegjes en muggen bij de duizenden. Onder het eiland ten anker en rusten. Daarna, bij de eerste bries anker op, en hoopvol de zeilen omhoog. Helaas, drie kwartier later totale blaakte! Stellendam had ik inmiddels allang opgegeven. Middelharnis werd het nieuwe doel. Tegen vijf uur was ik het drijven zat en ging de motor aan. En wat denk je, nog geen vijf minuten later was er wind (een koele zeewind). Tegen zes uur afgemeerd in Middelharnis.

Donderdag 08-05, onbew. 1-2 zw. à 4-5 nnw. 10-20° droog, mooi weer.
06.30 Uur overal na een onrustige nacht. Het stadshaventje is geen plek om rustig te slapen. Veel auto's, en schreeuwende jeugd op knalbrommers. Na het ontbijt gelijk victualiën laden en in het kleine watersportwinkeltje een nieuw kompas gekocht. Dat is wat gemakkelijker in de omgang dan dat grote messing sloepkompas wat ik tot nu toe gebruikte. Tegen twaalf uur onder zeil op een viertje uit noordwest. Niets voor Scheveningen, maar wel een prima wind voor de Biesbosch. Een kort besluit, jammer, maar we gaan via de Biesbosch en Gorcum naar het IJsselmeer. Tegen zes uur draaide we het Noordergat van de Vissen in en konden we een half uurtje later in de stromende regen aan een oud steigertje afmeren. Het was een fijne zeildag geweest. De Biesbosch is nu zo vroeg in het voorjaar nog totaal verlaten, maar in de zomer ligt het hier tjokvol.

Zondag 11-05, half bew. 2-3 zo. 12-20° droog mooi weer.
07.00 uur overal. We zijn drie dagen verder in de tijd. De trip van de Biesbosch via Gorcum en Utrecht was vlot en zonder grote gebeurtenissen verlopen. We liggen nu aan een steigertje iets voorbij de afslag naar Hilversum. 08.30 vertrek. Ik had besloten om via Weesp en de Amstel naar de Sixhaven in Amsterdam te varen. Dat is wel wat langer dan via Muiden, maar liet de mogelijk open om via het Noord Hollands kanaal naar Purmerend te gaan. Daar kon ik dan een familiebezoek bij mijn vader afleggen. Alles ging goed tot op de Amstel; daar liet de koeling van de motor me in de steek. Als je ook ziet wat voor vuiligheid er overal drijft dan is dat ook niet te verwonderen. Vooral in Utrecht's grachten is het een rotzootje! Gelukkig kreeg ik een sleepje van een motorsloepje naar een scheepswerfje annex watersportbedrijf. De motor in de werkplaats gesleept en daar werd hij vakkundig met een luchtcompressor door geblazen. Gelijk de benzine en tweetaktolie weer op peil gebracht en weg waren we weer. Wel iets lichter in de geldbuidel! Halfvier waren we door Amsterdam en doken we vlak voor de Sixhaven de sluis naar het Noord-Hollands kanaal in. Achter de sluis een korte stop voor een hap en een slok en dan weer verder. 18.55 konden we nog net met de laatste schutting in Purmerend mee en meerde we iets verder voor de Beemsterbrug af voor de nacht. De brug was te laag om te passeren en de lichten stonden al op dubbel rood. Via de mobiel mijn vader gebeld, die even later blij verrast op de fiets voorbij kwam. Omdat het nogal fris en miezerig weer was vouwde hij zich op in de kajuit en merkte even later op dat mijn bootje toch wel wat klein was! Even samen een bakkie koffie en dan een afspraak voor morgenmiddag gemaakt.

Dinsdag 13-05, half bew. 4-5 wzw. 10-14° droog/regen.
07.00 Uur overal. Na de maandag te hebben doorgebracht met een wandeling door Purmerend, waar veel veranderd is, en een gezellig bezoek aan mijn vader zijn we nu klaar voor vertrek naar Monnickendam. Er zijn twee routes via de Purmer ringvaart. De ene gaat via Edam en de andere gaat langs Ilpendam. Ik koos voor Ilpendam. Tegen halfelf waren we onder de vele lage bruggen door, waar ze ook driftig met het klompje zwaaiden, en konden we stuurboord uit door de ringvaart. Als kind had ik hier veel met mijn ouders in een roeibootje geroeid. In die tijd was het nog niks met buitenboordmotoren. Geroeid werd er tot je de blaren op je handen had en er halfdood bij neer viel! Het is toeristisch gezien wel een mooie route. De natuur is hier nog grotendeels in orde en in die staat zoals ik het in mijn herinnering had. Tegen twee uur waren we door het sluisje in Monnickendam en na water laden in de jachthaven gingen we ten anker op de Stinkevuil. Ondanks de regenvoorspelling is het op een klein miezerbuitje na droog gebleven. Wel veel donkere dreigende luchten. Tegen zes uur klaar met de masten zetten.

Woensdag 14-05, zwaar bew. 3-4 zw. 5-6 nw. 6-13° droog/regen.
07.00 Uur overal na een rustige ankernacht. Weinig wind en droog. Nu waait het weer pittig en gaat de wind volgens de weerberichten ruimen naar noordwest. Het plan voor vandaag is om af te meren in de jachthaven voor een douche- en scheerbeurt. Vervolgens victualiën laden en dan vanavond op bezoek bij broer Wim en Doortje. Tegen negen uur was ik klaar met de ochtend beslommeringen en ging het anker uit de grond. Het zonnetje scheen lekker, maar er kwam wel een donkere bui aanzetten. En ja hoor we waren nog niet anker op en onder zeil of de bui brak los. En wat voor een bui! Voor de haven aan gekomen gingen we op de motor naar binnen en konden we even later in het uiterste hoekje afmeren. Zeiltje optuigen en de natte boel uit. Bij het betalen van het havengeld kreeg ik een rolberoerte. Zeventien Euro en tachtig centjes voor twee nachten. Dat is niet mis! De watersport wordt zo langzaam aan een sport voor de luitjes met een rijk gevulde geldbuidel. Niks voor Jan met de pet en z'n pieremachochel. Het douchen was gelukkig wel voor niets; daar hebben we dus uitgebreid van genoten. Het werd door het slechte weer niets met lopen naar Volendam, dus kwam Wim me met de auto af halen en na een gezellige avond bracht hij me ook weer netjes terug naar de boot.

Donderdag 15-05, licht bew. 2-3 nw. 13-20° droog, mooi weer.
07.00 Uur overal. Na haastig één dag havengeld terug gehaald te hebben om halfelf de haven uit. Het is doodzonde, om zo'n mooie dag te laten verlopen. Twee uurtjes later hadden we ons tot Volendam op weten te werken; de wind was niet denderend. Vervolgens hadden we een goeie twee uur een wandelende wind tussen noordwest en zuidoost en uitermate zwak. Halfdrie waren we dwars van het paard en speelde ik met de gedachte om maar tegen het strandje aan te ankeren en daar de nacht door te brengen. Dan kon ik ook eens de vuurtoren van dichtbij bekijken. Maar omdat het nog zo vroeg op de dag was besloot ik toch maar om door te zeilen. En gelukkig maar, want een half uurtje later nestelde de wind zich vastbesloten in het noordwesten en werd vlijtiger. We liepen voor vandaag de ongehoorde snelheid van drie en half tot vier knopen op een 210° koers in de richting van Pampus. Dwars van Pampus zocht ik aan de horizon de Diemer elektrische centrale en de ingang van de vluchthaven. Tegen halfzeven ten anker. De haven is gelukkig nog in de oorspronkelijke toestand en op een zeiljacht na verlaten. De uitbreidingsdrift van Amsterdam valt nogal mee! Einde van een fijne zeildag.

Vrijdag 16-05, onbewolkt, 2-3 oost, 10-20° droog, mooi weer.
07.00 Uur overal. Na de ochtendbeslommeringen om tien uur ankerop en onder zeil. De bedoeling is om vandaag Amsterdam onveilig te maken. Victualiën laden, en zeekaarten bij Harry halen. Ik mis nog de Duitse wadden en de JadeBusen. Tegen halfdrie afgemeerd in de Sixhaven en daarna aan de wandel voor boodschappen en benzine. Kwam onderweg nog langs een gebouw dat zeer waarschijnlijk als moskee wordt gebruikt, er lag tenminste een groot kleed op het trottoir, met daarop een twintigtal geknielde mannen in oosterse gewaden. Het was ze zeker te warm binnen. Wel een komische gezicht, midden in Amsterdam noord!

Maandag 19-05, zwaar bew. 3-4 zw. 10-13° regen/droog.
10.00 Uur overal, met een denderende koppijn! Ik werd gisterenmiddag uitgenodigd op een huur motorjacht, met daarop een gezelschap Duitsers. Ze hadden me bier zien drinken uit een bierkroes, met daarop reclame van BVB. Ballspiel Verein Borussia, is de voetbalclub van de stad Dortmund. Aangezien mij vriendin daar woont, verblijf ik daar vaak en gaan we dikwijls het stadion in om het voetbalfeest mee te maken. Nu, ik heb het geweten. Verder was het weekend onderhoudend. Allereerst kaarten en gas en dan dwalen door de stad. Vooral de Zondag was leuk. De Dam was zeer druk met allerlei volksspelen en luierende mensen, die dat gedoe aankeken. Gezellig! Tegen twaalf uur de lijnen los en op de motor naar de sluis; zeilen is uit de boze op het IJ. Vlot geschut en daarna onder zeil. Het doel was het eerste eilandje op het Gooimeer. Op het IJmeer aangekomen konden we op een halve wind in de richting van de brug koersen. We hielden het droog tot vlak voor de brug, daarna kwam een plensbui tot een uur of negen in de avond. Tegen vijf uur afgemeerd.

Donderdag 22-05, zwaar bew. 2-3 zw. 13-14° regen.
We zijn drie dagen verder in de tijd en we liggen achter de Weerdsluis in Utrecht. Ik heb drie moeilijke dagen achter de rug. Door het slechte weer had ik geloof ik een depressieve bui, hoewel dat normaal helemaal niet in mijn aard ligt. Ten eerste zag ik plotseling als een berg tegen de reis naar de Oostzee op! En daar bovenop had mijn vriendin laten doorschemeren dat ze weer erg last van haar rug had. Ik wilde dan in de buurt van de thuishaven zijn als ze hulp nodig had. Dus was ik woensdagmorgen, na een zwaar besluit, op de motor naar Muiden gevaren, ook al omdat de wind pal tegen was en ik geen zin in kruisen had. In Muiden de masten naar beneden en dan verder de Vecht op tot Maarsen, waar we afmeerden voor de nacht. Tegen een uur of twaalf in de nacht, ik lag lekker te pitten, kreeg ik plotseling een onbekend figuur in de boot, die rond keek of er iets van z'n gading in de kuip lag. Voor zulke gelegenheden heb ik dan een tamelijk indrukwekkende slagersbijl aanboord. Als een razende uit de zak en het luik open; vervolgens kwam ik als een duveltje uit een doosje te voorschijn en brulde, onderwijl met de bijl zwaaiend: Hé klootzak, zoek je wat!! Ik heb nog nooit in mijn leven iemand zo zien schrikken en zien rennen. Het bleken twee jonge knullen op de fiets te zijn. Ze gingen er als een razende vandoor! Zulke voorvallen zijn niet goed voor de nachtrust. Tegen zes uur in de morgen hield ik het verder voor gezien en begon ik met de ochtend beslommeringen. Het bleek later gunstig te zijn dat ik vroeger dan normaal op pad ging. Tegen twaalf uur door de sluis en afgemeerd aan de passantensteiger. Frans Schaake gebeld en gevraagd of hij nog kaarten van de Oostzee nodig had; we zouden namelijk samen de trip maken. Hij zou gelijk voorbij komen. Dan mijn vriendin gebeld. Ze verklaarde me voor gek. Ze had helemaal geen rugpijn meer en ik moest die reis verder afmaken. Ze vermelde ook nog dat ik nu werkelijk oud begon te worden! Dát deed zeer! En eigenlijk was ik zelf ook alweer de hele morgen in twijfel. Een mens zit vreemd in elkaar. Een half uurtje later kwamen Margot en Frans voorbij en die vonden het ook jammer dat ik het bijltje er bij neer gooide. Dus gaan we door! Het volgende probleem was dat ik mijn paspoort vergeten was. Ik moest dus vandaag nog naar Vlissingen. Samen met Margot en Frans naar het station en op de trein. Alleen vanzelfsprekend.

Vrijdag 23-05, zwaar bew. 2-5 zw. 10-15° regen/droog.
Tegen twaalf uur in de stromende regen weer terug aan boord en vertrek naar het IJsselmeer. 's Avonds tegen zeven uur afgemeerd bij de benzinepomp voor de nacht. De voorraad benzine op peil gebracht en dan snel diepe rust. Het leven kan raar lopen, hopelijk heb ik de juiste beslissing genomen.

Zaterdag 24-05, zwaar bew. Zeer weinig wind, variabel. 10-15° regen/droog.
05.45 Uur overal. We hebben vandaag een druk programma, dus loopt de wekker een uurtje eerder af. Het heeft de afgelopen nacht weer zwaar geregend. Maar dat is gezellig als je in de warme slaapzak ligt. Nu is het gelukkig droog. 07.30 vertrek en om negen uur door de sluis bij Muiden. Gelijk doorgevaren naar de vluchthaven bij de Diemer centrale en ten anker. Kennis gemaakt met een Duitse waterzwerver, die hier al een paar jaar op een drijvende behuizing leeft en van de lucht leeft. Volgens zijn verhaal krijgt hij zijn voeding van een nabij gelegen supermarkt, die hun over de datum heen zijnde artikelen in de vuilnistonnen gooien. Hij kon het niet aan eten! Verder droomde hij over een grote wereldreis, die hij wou maken met een platbodemachtig vaartuig dat in een hoek voor anker lag. Toch wel een sympathiek figuur. De waterpolitie kwam af en toe naar hem kijken en hadden hem tot 'havenmeester' van de vluchthaven gepromoveerd. Masten gezet en dan op de motor, nul komma nul wind, naar Durgerdam en in de noordelijke hoek ten anker. We zijn nog precies op tijd voor de afspraak met Chris. De weerberichten zijn redelijk optimistisch voor de aankomende dagen.

Zondag 25-05, zwaar bew. 2-4 zw. 10-15° regen / droog.
Na een natte maar windstille ankernacht begon het tegen zes uur uit het zuidwesten te waaien. Na emmerbezoek, begon ik enigszins grommend Wallie wat te verhalen. We lagen te dicht op de keien. Ik kon geen extra lijn bij geven. Na het ontbijt nog maar wat onder de wol. Ik denk dat ik Frans en Chris pas tegen de avond kan begroeten. Tegen halfeen begon het eindelijk droog te worden en zagen we voor de eerste maal sinds dagen de zon weer voor een half uurtje te voorschijn komen. Het zeiltje opengeklapt en heerlijk opwarmen! Verder me eigen bezig gehouden met de techniek van de mobiele telefoon. Tot nu toe had ik er alleen maar mee getelefoneerd. Maar buiten de hoofdfunctie heeft het apparaat nog andere speeltjes, waarmee ik me nu vertrouwd moest maken. We moesten op het wad in contact met de admiraal blijven. Voicemail en sms waren de toverwoorden om contact te houden. Uit eindelijk kreeg ik de zaak onder de knie! Het duurde wel wat, maar een kniesoor die daar op let. Tegen vijf uur kwam de White Seal in zicht en meerde even later langzij af. Een biertje en bijpraten. Na het happy hour ging de White Seal alleen op het anker. Iets over negenen kwam de Olle met Chris en Birgit door de sluis en meerde langszij de Wallie af. Even later lieten we ons op een lange lijn afzakken tot naast de White Seal. Nog een laatste biertje en dan terug aan boord. Daarna was het al snel stil amusement!

Maandag 26-05, licht bew. 2-3 zw. 10-20°, droog, mooi weer.
06.30 overal. De gewoonlijke ochtendblik door het luik liet een zeer kleine wereld zien. Het was potdicht van de mist. Tegen negen uur was de mist aardig opgetrokken en was de rest van de vloot ook reisklaar. Het beloofde eindelijk eens een mooie dag te worden. Een half uurtje later lagen we onder zeil, op een vriendelijk briesje uit zuidwest. Al vlug konden de lagen kleding een voor een uitgepeld worden. Het werd warm. Na een uurtje voor de wind rommelen, fokkeloet over stuurboord en dan weer over bakboord, begon de wind naar het zuidoosten te krimpen. Dat werd dan een halve wind naar het paard. Omdat de Olle en White Seal al aardig op me uitgelopen waren trok ik het waterzeiltje er bij. Ik geloof niet dat het veel uitmaakte, maar je doet je best. Ook gaf ik wat slack in het grootzeil. Dwars van het paard viel de wind totaal weg en vervolgde we onze weg in span op de motor. Na een klein uurtje kwam de wind plotseling uit noordwest en werd wat vlijtiger. Hoog aan de wind naar Enkhuizen. Tegen de dijk aan gekomen gingen Frans en Chris ten anker voor een hap en een slok. Ik zeilde door, want je moet nooit een gunstige wind ongebruikt laten. Tegen zeven uur samen door de nieuwe sluis van Enkhuizen. Dat is wel een hele vooruitgang vergeleken bij de oude. Doordat ik op de fok en de druil doorzeilde liepen Chris en Frans alras weer op me uit en bereikten nog voor het donker worden de ankerplek op het Kooizand. Omdat de wind het ook weer voor gezien hield, besloot ik om in de vluchthaven te ankeren. Morgen is er weer een dag!

Dinsdag 27-05, wolkeloos! 2-5 no. 14-22° droog, prachtig weer.
07.00 Uur overal, na een rustige ankernacht. Op de fok en druil langs het Kooizand zeilende ontdekte ik drie Drascombes. Hé, gisteren waren we toch nog met drie boten. Het bleek de Yraida met Michel Maartens te zijn. Tegen negen uur kwam er leven op de White Seal en ging het anker omhoog; al spoedig gevolgd door de Olle. Langs het Kooizand, vanaf de Yraida. Klik voor vergroting De Yraida bleef geheimzinnig op de achtergrond achter. Michel kan zich dat veroorloven, want hij vaart geloof ik de snelste Drascombe van de vloot. Op een slap briesje verder naar Medemblik om victualiën te laden. Bij totale windstilte gooide ik de motor aan om te informeren of we in span verder konden. Nee, ze bleven liever nog wat drijven. Ook goed! Een kwartiertje later kwam er een fijn briesje uit noordnoordoost en ging het laatste stukje gesmeerd. Afgemeerd in de haven en na het op peil brengen van de biervoorraad, friet met kibbeling eten bij een rasechte Volendammer vis-frietboer. De kibbeling was klasse! Dan weer onder zeil, voor het laatste stuk naar Den Oever. Wallie wil niet graag naar Den Oever; dat had ik op vorige reizen al opgemerkt. De inmiddels pittige wind hadden we recht op kop. En dan komt de zwakke kant van Wallie naar boven. De beide andere boten liepen veel hoger aan de wind en waren spoedig achter de kim verdwenen. We bleven eenzaam achter. Later hoorde ik van zeilers, die waarschijnlijk iets beter onderlegd zijn in de theorie van de zeilsport, dat dat waarschijnlijk ligt aan het zeilplan wat Wallie voert. De voorhoek is te klein! En dat kan wel kloppen, want het oorspronkelijke zeilplan is ook met een kluiver uitgerust. Maar dat is alleen zeilend te omslachtig. Een kluiverboom die een goeie meter naar voren steekt en een waterstag; plus dat de kluiver vliegend gehesen wordt. Dus ligt die voorziening al jaren in de schuur. Het is ook zo, ik zeil altijd alleen en dan krijg je van minder hoog aan de wind zeilen geen minderwaardigheidscomplex! (Grapje!) Misschien kan ik er de aankomende winter een iets kleinere vaste kluiverboom op bouwen en zo het voorzeil iets naar voren brengen. De fok kan dan ook groter worden. Ik moet maar eens met mijn zeilenbouwer praten. Na drie slagen van elk een goed uur waren we niet noemenswaardig opgeschoten. In de slagen naar het oosten kon ik precies 70° sturen. Dat was de koers naar Stavoren. Ik speelde nog met de gedachte, maar besloot dan om in een goed half uur terug naar Medemblik te vliegen. Tegen acht uur waren we terug in de haven en kon ik Chris melden dat ik weer in Medemblik lag en dat we morgen wel verder keken. Als we door hadden gebokst dan had het nachtwerk geworden. Ik weet niet of het wijs is om samen met Frans en Margot naar de Oostzee te gaan. Wallie is aan de wind een blok aan het been van de andere boten.

Woensdag 28-05, onbewolkt, 2-4 ono. 13-23° prachtig weer.
05.15 Uur overal. De eerste blik uit het luik liet me zien dat de windwijzers boven in de masten van de andere zeilboten iets meer op de oostelijk richting stonden. Als dat buiten ook zo was dan hadden we geluk en konden we op een bezeilde wind naar Den Oever. Na de ochtendklusjes om halfacht de haven uit. Hoera, de wind komt uit de goeie hoek! Het is voorlopig te bezeilen. We liepen op de frisse bries tegen de zes knopen. Heerlijk zeilen. Het stuk waar we gisteren bijna drie uur over deden werd nu in een goed half uurtje afgelegd. Bravo Wallie! Ter hoogte van de Oude Zeug viel de wind iets weg, maar we bleven een goeie drie en halve knoop lopen. Toch goed dat we gisteren terug zijn gegaan. Tegen tien uur liepen we de zuiderhaven van Den Oever aan, waar de andere boten voor anker lagen. Aankomstin Den Oever, Klik voor vergroting Ik kreeg een hartelijk welkom. We gingen we op roepafstand van de White Seal ten anker. Frans en Margot gingen een half uurtje later naar de haven en meerden daar af. Ze gingen vandaag naar een verjaardagsfeestje van een kleinzoon, of was het een kleindochter. Dat is me even ontschoten. Eindelijk de voicemail geïnstalleerd. Nu nog het sms'en onder de knie krijgen. Verder de dag in ledigheid doorgebracht en de bemanningen van de veertien andere boten begroet. En tot grote verrassing kwamen ook nog de oud Drascombezeilers Co en André Hartensveld op de boot van, ik geloof Chris van Beek, voorbij. Die krijgen er toch niet genoeg van. Heel leuk! Tegen negen uur ging het grootste deel van de vloot door de sluis om in de Noorderhaven te overnachten. Ik bleef met nog twee of drie andere boten aan de zoete kant. We pakken morgenvroeg wel de sluis. Het grootste deel van de varende waterrecreanten houdt van uitslapen. Dus passen we morgenvroeg met drie Drascombes wel in de sluis.

Donderdag 29-05, onbew. 2 à 5 nno. 14-23° droog, mooi weer.
04.45 Uur overal. De afspraak was dat we om ongeveer halfzeven door de sluis zouden gaan. Palaver was om halfnegen, we hadden dus ruim de tijd. Alles verliep zonder problemen. Alleen kwam de Engelsman, die met een Drifter bij ons gezelschap was, een beetje in de problemen. Doordat hij niet wist dat je in een sluis, die schut van zoet naar zout, eerst van achteren vast moest maken. Het resultaat was dat hij achterstevoren in de sluis lag. Dat is mij ook wel eens overkomen. Dus een kniesoor die daar oplet. Bij het palaver vernamen we dat het eerste plan door de noordoostenwind kwam te vervallen. De Noorderhaaks of de Razende Bol was geen gunstige plek met die wind. Het nieuwe doel werd het Posthuiswad. Tegen negen uur op een zwakke bries onder zeil. Ik zocht eerst op de motor de ruimte. Het leek me niet zo'n succes om met zestien boten in het drukke havengebied te gaan kruisen. Vooral niet omdat op hetzelfde moment de sluis leegliep. Vervolgens op een noordelijke koers onder zeil. De eb zette ons met een vaartje in de richting van Den Helder. Dat werd voorlopig dus niets met het Posthuiswad. Uiteindelijk voor Oude Schild ten anker, om op de kentering te wachten. Ik had een lijntje bij Klaas overgegooid, dat hij vakkundig aannam en belegde. Lui als ik ben, bespaarde mij dat het ankeren en kon ik gelijk bij Regitse en Klaas gaan buurten. Daarbovenop viel ik met mijn neus in de boter, want ik werd getrakteerd op een bord heerlijke verse asperges en een biefstuk van zo'n springbeest uit Australië. Bij het kenteren van het tij weer onder zeil, op een ras fors toenemende wind. Dat werd dus een stroom tegen wind effect. Het was verbazend hoe snel er een rot zee stond. Na een klein uurtje het grootzeil op het tweede rif. Daarna nog een poosje door liggen hakken. De rest van de vloot was alweer uit het zicht verdwenen. De laatste Drascombe die ik waarnam was Chris van Beek. Ik ging ten rade bij mij zelf, én bij die oude wijze zeiler, die ik in zulke gevallen altijd raadpleeg. Blijf ik uren lang zo doorhakken, met de kans om moederziel alleen ergens midden op een plaat droog te vallen, of ga ik op een handzame bakstagkoers in de richting van Oude Schild. Misschien lukt het trucje van Medemblik hier weer. De rest van de vloot wordt zonder mij ook wel gelukkig en het Posthuiswad was ook niet nieuw voor me. Ook werd het navigeren op het toch wel tamelijk onbekend water lastig. Je mist dan al snel een tweede paar handen en ogen. Ik speelde nog een half uurtje met de mogelijkheden en gooide dan het roer om en besloot voor Oude Schild. De wind was hard genoeg om ons met een redelijke vaart over de grond naar de haven te brengen. Langzaam maar zeker schoven de boeien voorbij. Onderweg een groet aan de familie Vandersmissen met de Pride of the Fleet. Ik kon ze bijna een hand geven, zo dichtbij kwamen ze op een tegenkoers voorbij. Bij het binnen varen van de haven bleek al gauw dat het een gekkenhuis was. Overvol en nog steeds een onafgebroken stroom boten die voor het slechte weer de haven op zochten. Even op de motor de zaak bekeken en dan op tegenkoers de haven uit. Weer onder zeil en op een halvewindsekoers naar Den Helder, waar we tegen halfnegen in de KMJC haven afmeerden. Veel belangstelling van de superjachten voor Wallie. Dat deed hem goed! Ps. Ik weet natuurlijk dat een boot een haar is, maar om de een of andere reden is Wallie voor mij een hem! Ik weet ook niet hoe dat komt.

Vrijdag 30-05, onbew. 2-5-6 no. 15-25° prachtig weer.
Het tij van vier uur verslapen. Een bericht van Klaas; hij lag met nog een paar bootjes midden op een plaat. Hij had het Posthuiswad ook niet gehaald. Ik kon hem niet gelijk terug bellen want ik had zijn mobiele nummer niet. Via, via, toch aan zijn nummer gekomen en teruggebeld. Geen contact meer met Chris, ondanks twee voicemail's mijnerzijds. De rest van de morgen in dubio. Varen of niet! De wind was inmiddels nog harder dan gisteren. Dat zou op de Texelstroom weer van hetzelfde laken een pak zijn. Kwam uiteindelijk met de kleine bootjes oplossing. We gaan via het Noord Hollandse kanaal en het Amstelmeer naar Den Oever. Met wat sluisgeluk konden we dan morgenvroeg om halfnegen door de sluis bij Den Oever. Alzo gedaan. Ik kon het hele stuk tot aan de sluis op het Amstelmeer zeilen. Kwam alleen vijf minuten te laat om te schutten. Jammer! Afgemeerd in een klein gezellig jachthaventje. 's Avonds een telefoontje van Margot; ze waren op het Posthuiswad. Dat zijn nog eens rauwe zeebonken. Ik kon steeds geen contact met ze krijgen omdat er een verkeerd cijfer in mijn nummer stond.

Zaterdag 31-05, onbew. 3-6 nno. 15-26° prachtig weer.
06.00 Uur overal. De aangekondigde zonsverduistering gemist door het douchen. Jammer! Tijdens het schutten hoorde ik van een motorjachtschipper dat hij in de haven van Oude Schild met zijn zeven en halve meter jacht eenendertig Euro had betaald. Die zijn daar ook niet misselijk. Hij was daar de afgelopen donderdag met een lek in de toiletruimte binnen gelopen. Zijn vrouw had met doeken de zaak provisorisch dicht kunnen houden. Tegen twaalf uur lagen we voor de kleine sluis bij Den Oever en moesten geduld oefenen tot vier uur. De sluis werkt namelijk maar twee maal per dag. Nadat we om vier uur vijf meter gerezen waren merkte ik dat de wind nog flink poeierde. De sluismeester merkte op dat ik weer beter weer mee naar onder kon gaan; achter het gemaal lag ik een stuk rustiger. Ik kon dan morgenvroeg om halfnegen weer mee naar boven. Daar had de goede man gelijk in, dus lagen we een half uurtje later weer uit de wind en in het zonnetje. Morgen zien we wel weer verder.

Zondag 01-06, licht bew. 2-0 nno. 15-25° prachtig weer.
06.00 Uur overal. Het was gisteren toch niet zo'n goed idee geweest om weer mee naar onder te schutten. De wind is op het ogenblik rustig en de vloed loopt vanaf vijf uur. Het is weer de luiheid die me de das omdoet. Nu kunnen we eerst om halfnegen naar boven schutten en de mast zetten. ± Elf uur waren we zeilklaar en na afscheid van het Engelse echtpaar genomen te hebben zeilden we de haven uit. Buiten was het tij op het ogenblik niet gunstig, dus besloten we voor het IJsselmeer. De wind uit de oostelijke hoek stuwde ons met een gemiddelde vaart van twee knopen in de richting van Kornwerderzand. Maar jammer genoeg niet voor lang. Een mijltje of drie uit de kust was het gedaan met de pret en werd het drijven. Omdat ik vandaag nog naar Harlingen wilde, gooide ik na een half uurtje de motor aan. Het bleef bladstil tot de Lorentzsluis, waar we om vier uur doorheen gingen. We bleven verder op de motor naar Harlingen tuffen. Geen wind en de stroom tegen. Tegen zes uur achter de sluis in het kleine gezellige haventje afgemeerd. Verschillende telefoontjes afgehandeld en voor morgen een treffen op het groene strandje bij Terschelling afgesproken. En dan de stad in voor een koud biertje en een friet met kibbeling.

Maandag 02-06, half bew. 2-4 zo. west, 18-25° droog.
06.00 Uur overal. De weersberichten geven weer onheil uit het zuiden door. Onweer met hagel en zware windstoten. Draaiende wind door zuid naar west; plus regen. Morgen weer iets rustiger. Nu is er weer een probleem. Als ik alleen was zou ik rustig blijven liggen, maar we zijn met z'n drieën, Eugène met de Midi is namelijk ook nog van de partij, en dan wil je de afspraak nakomen. Tegen tien uur door de sluis en dan na rijp zelfberaad af gemeerd in de Noorderhaven. Frans, Margot en Eugène moeten nog maar even wachten. Het is nog een hele trip naar de vierde Slenk; en dan de kans op zware onweersbuien. Nee dank u! Het is nu tegen twaalf uur en de donkere luchten komen al opzetten. Het bleef de hele dag benauwd heet. Onder het drinken van een Wiekse Witte aan de haven draaide de wind plotseling op het westen en bracht enige koeling. Een half uurtje later, ik was net weer op de boot, brak het onweer los. Gelukkig maar voor een goed uurtje. Verder de dag in ledigheid doorgebracht.

Dinsdag 03-06, half bew. Variabele wind. Zwak. 18-25° droog, mooi weer.
06.30 Uur overal. Na een rustige nacht om halfnegen op pad. De brugdoorlating werd een langdurige zaak. Ik was aan stuurboordkant afgemeerd en wachte geduldig totdat de brug zou gaan draaien. Een bord vermeldt dat de brug twee maal tien minuten per uur open gaat. De twee perioden verliepen, maar alles wat gebeurde de brug bleef dicht. Gelukkig kwam de havenmeester voorbij en die maakte de brugwachter, die boven in de verkeerstoren aan z'n bakkie koffie zat, wakker. Als verontschuldiging bracht hij naar voren dat hij mijn bootje niet had opgemerkt. Bij deze de verontschuldiging aangenomen, maar het kosten mij wel een goed uur van het tij. En dat was zonde! Tegen tien uur onder zeil op een zwak briesje uit de westelijke hoek. Algaande kromp hij naar oostzuidoost en wakkerde wat aan. Nabij de Oost Meep totale blaakte. Tweestrijd: met de stroom mee naar het groene strandje bij de haven van Terschelling of motorzeilend naar de vierde slenk. Na een telefoontje met Eugène werd het de vierde slenk. Volgens hem moest ik het op de motor nog makkelijk halen. De wind kromp door naar oost. We kwamen tot aan de derde slenk. Dat wordt dus een nachtje alleen droog vallen. Frans en Eugène hadden een verkenningstocht lang de oostkant van Terschelling gemaakt en kwamen ook niet meer tot aan de vierde slenk. We konden elkaar door de kijker bekijken, maar om de afstand te lopen vond ik het toch wel wat ver. Het is te hopen dat ik vannacht nog kan verhalen naar de vierde slenk anders wordt het morgen hier het slechte weer afrijden. Telefonisch contact maakte duidelijk dat de White Seal en de Midi met hoogwater op de oostenwind mijn richting uit zouden komen. Tegen elf uur maakte we oog- en handcontact. Even een half uurtje bijpraten en dan in de kooi. Vlak voor het droogvallen keek ik nog even uit het luik en ontwaarde ik een vierde Drascombe die zich stiekem bij ons had gevoegd.

Woensdag 04-06, half bew. 2-3 oost à 5-6 nw. 20-30° droog/regen/onweer.
06.30 Uur overal. De vannacht gearriveerde Drascombe bleek witte zeilen te voeren. De naam van de schipper en echtgenote ben ik helaas vergeten. En de naam van de boot is me ook ontschoten. Mijn excuus daar voor! Ze waren samen met een soort vergrote uitvoering van een Drascombe, die bemand werd door zijn broer en familie, onderweg naar Lauwersoog. Het grote schip lag een paar honderd meter verderop in dieper water. Met het rijzen van het water kwam hij later bij ons liggen. Na een gezellig praatje gingen we een goed half uur voor hoogwater ankerop en gingen in een totale blaakte met de boten aan de wandel. Eugène met Midi aan de wandel, Klik voor vergroting Er stond nog te weinig water om de motor aan het werk te zetten. Na een goeie kilometer was ik het zat, plus dat de plaat steeds ondieper werd, en liep ik Wallie naar dieper water. Daar kon de motor het overnemen. Frans en Eugène liepen dapper verder. Nabij de vierde slenk, het water werd weer ondieper, moest de motor weer omhoog en werd het laatste stukje roeiend afgelegd. Precies met hoogwater gingen we in de Slenk voor anker en werd er eerst een middagslaapje gehouden. Daarna Happy Hour op de Walvis. Tegen zeven uur, het was reuze gezellig, kwam de onweersbui, die de hele tijd al dreigend boven ons had gehangen tot ontlading. Frans had net op tijd z'n tent opgetuigd en ook Eugène was in zijn roef verdwenen. Door de gezelligheid was ik helemaal vergeten om de druil met de gaffel naar beneden te laten zakken. Normaal doe ik dat altijd als er harde wind wordt verwacht. Nu werd ik voor mijn vergeetachtigheid zwaar gestraft. Doordat Wallie dwars op de loeiharde wind lag waaide de druil open en sloegen de twee killatten het hele achterlijk tot gruzelementen. Ik begon, geholpen door Frans en Eugène, de bindsels door te snijden en liet ik het hele spul op het dek zakken. Eerst met een noodverbinding vastsjorren en dan weer beschutting zoeken. De onweersbui was met een goed uurtje weer voorbij, maar de wind bleef stormachtig. Later hoorden we dat er voor Terschelling een open platbodem met een ouder echtpaar gezonken was. Het echtpaar werd als door een wonder na twee uur uit het water gevist. Een oplettende schipper had de mast van de boot boven water uit zien steken en had alarm geslagen. Wij liggen voorlopig nog redelijk rustig achter de plaat, maar dat zal tijdens de hoogwaterperiode van ± drie uur wel veranderen. Een nadere inspectie van de druil bracht aan het licht dat de druil niet meer te gebruiken was. De hele boot doorzocht, naar de reserve druil. Jammer, maar die ligt dus in de schuur. Tijdens de nachtelijke hoogwaterperiode, ik kon toch niet slapen door een wild gierende Wallie, geëxpermiteerd met de stormfok. Niet uitvoerbaar, doordat de fok alleen maar met top- en halshoek te fixeren was. Het was namelijk de fok voor de roller.

Donderdag 05-06, zwaar bew. 5-6 nw. 18-24° droog, mooi weer.
07.00 Uur overal. We liggen sinds drie uur weer rustig en droog achter de plaat. Als we vandaag blijven liggen, breng ik wel een tweede anker uit om het gieren wat te verminderen. Tijdens het palaver in de ochtend uren besloten we om naar Nes op Ameland te varen. Volgens de almanak moest daar een zeilmaker aanwezig zijn. Ik kreeg een reservedruil van Eugène mee, maar door tijdgebrek had ik niet de kans om die op te tuigen. Met hoogwater, onder zeil en sturend met de riem over de plaat gezeild. Ik had het zwaar om Wallie goed op koers te houden. Je merkt dan goed dat je de druil mist! De motor op de ondiepwaterstand en zo geholpen lukte het om zonder kleerscheuren in dieper water te komen. Vervolgens kon er op een prakties voor de windse koers naar Nes gekoerst worden. De White Seal en de Midi gingen oostelijk van de haven ten anker. Ik ging gelijk de haven in, om te informeren naar de zeilmaker. Er bleek een textielwinkel in Hollum te zijn die wel eens noodreparaties aan zeilen deed. Een fiets gehuurd en tien kilometer tegen een harde wind opgebokst. De man in de zaak schudde zijn wijze hoofd en verklaarde dat het zeil een puinhoop was. Totaal gaar! Hij had geen bruin zeil, maar hij zou z'n best doen. De tien kilometer terug werden door de vijf versnellingen fiets razend snel overbrugd. Terug in de haven bleek er een tien meter lange reuze catamaran tegen Wallie aangevlijd te liggen. Gelukkig was de bemanning nog aan boord. Bij mijn vraag naar wat er zou gebeuren als de wind naar het oosten zou draaien antwoordde de schipper: 'ja, maar dit is mijn vaste plek'. Hij was nog niet op het idee gekomen om eerst mijn boot op een andere plek te leggen en dan af te meren. Hij had genoeg mensen aan boord om die operatie te laten slagen. Vervolgens op een betere beschutte plek afgemeerd. Na dit hele gebeuren was het inmiddels weer laagwater en gingen we op de White Seal kokkels met zeesla eten. Dat deed me de beslommeringen van het kapotte zeil ras vergeten. Onze meesterkok Eugène had de vorige dag op zijn geheime plek in de vierde slenk voor deze verrassing gezorgd. Een feestmaal!! Eugène bedankt daar voor.

Vrijdag 06- 06, licht bew. 4-5 zw. 18-25° droog, mooi weer.
09.00 Uur overal. Midi en White Seal bij de haven van Ameland, Klik voor vergroting Vannacht om halfvier Wallie verhaald naar de lijzijde van de steiger en dan weer onder de vette lappen. Verder een beetje geluierd totdat we afscheid van Eugène konden nemen. Hij moest dinsdag weer werken en moest dus vertrekken. 's Middags samen met Frans en Margot met de bus naar Hollum. Daar een fiets gehuurd en een tour over de westkant van het eiland gemaakt en dan om halfvijf bij de zeilmaker voorbij. Hij had een goed staaltje vakmanschap laten zien. Het zeil was keurig gerepareerd! Wel met wit zeildoek, maar een kniesoor die daar oplet. Kosten tien Euro. Terug door de duinen naar Nes en daar een overheerlijke visschotel verspijst. Alleen moeten we dat niet te veel doen, want het slaat een behoorlijk gat in de financiële huishouding.

Zaterdag 07-06, zwaar bew. 2-3 zw. à 2-3 no. 19-24° prachtig weer.
06.30 Uur overal. Na het ontbijt de druilmast weer zeilklaar maken; vervolgens om halfeen de haven uit en oostelijk van de haven ten anker en wachten op de White Seal. Tegen twee uur onder zeil op een zwak briesje uit zuidwest. Nabij de gele ton, die de onderwater liggende restanten van een vergeefse poging om een vaste verbinding tussen het eiland en de vaste wal te maken aangeeft, was de wind op. Een half uurtje op de motor verder. Plotseling een bries uit het oosten. Dat werd dus kruisen. Het werd krap naar het Smeriggat. Het laatste stuk, nadat de wind weer was weggevallen was, weer op de motor. We haalde het nog net. Er kon niet gebuurd worden, doordat we op een slikplaat lagen. Een voorzichtige poging liet zien dat ik tot mijn knie in de slik zakte. Dan maar alleen een biertje nuttigen. Het weerbericht voor morgen was weer slecht. Dat wordt dus morgen weer een vroegertje om in de haven van Schiermonnikoog te komen. De wekker gaat op twee uur!

Zondag 08-06, 2-3 zo. , in buien hard. 19-29° droog/regen/onweer/heet.
02.00 Uur overal. Om halfdrie uur zat ik in vechttenue te genieten van het ochtendgloren en het Smeriggat. Omdat we vlak bij de boeitjes, die de vaargeul tussen het Rif en de Engelschmanplaat aangeven, lagen, hadden we al genoeg water onder de kiel om het roer erin te houden. Tegen halfvier uur kwam de White Seal tot leven. 04.00 Uur ankers omhoog en vertrek op de motor. In het Friese zeegat aangekomen gingen op de White Seal de zeilen omhoog. Ik bleef doorvaren op de motor. De wind was te verwaarlozen; plus dat we in het Gat van Schier de stroom tegen kregen. En ik wilde in de haven liggen, om het slechte weer af te wachten. Tegen zes uur in de haven en afgemeerd naast een plaatselijke Drascombe. Later bleek dat ook de havenmeester van Schiermonnikoog een Longboat bezat. Hij was razend nieuwsgierig naar mijn boot. Frans en Margot kwamen een uurtje later in zicht, maar waren te laat voor de haven. Ze vielen aan de westkant van de haven droog. Tijdens de eb bleek het een behoorlijke slikplaat te zijn; lieslaarzen waren verplichte uitrusting. Na het ontbijt en een slaapje aan de wandel naar het dorp. Omdat het benauwd heet was werd het met het wandelen niet veel. Bij de eerst de beste gelegenheid een koele dronk en dan weer terug naar boord. Frans en Margot moesten sowieso weer op tijd bij de boot zijn, om met droge doch zeer slikkige voeten weer aan boord te komen. Tegen één uur kwam de eerste onweersbui boven ons hangen, die een uurtje later explosief tot ontlading kwam. Het kon een broertje van de bui van afgelopen woensdag geweest zijn. Een loeiharde wind en verschrikkelijk veel water. Gelukkig was het een klein uurtje later weer rustig en gelijk een stuk koeler. Tegen acht uur in de avond kwam dan de voorspelde wind. Een dikke acht Beaufort! Het zeiltje afgetuigd en dubbele trossen. Wallie lag dwars op de wind, maar werd wel enigszins beschut door een lange rij boten. Naar de pier lopend, ik kon me bijna niet staande houden, ontwaarde ik op een afstand van ongeveer twintig meter van de hongerige keien de wild dansende White Seal, hangend aan een dun draadje; ketting en een 'gelukkig' stevig anker van acht kilo. Frans en Margot gingen een rusteloze nacht tegemoet. Maar ik geloof dat ze daar lol in hebben. Ik slaap rustiger in de beschutte haven, daar zijn ze tenslotte voor.

Wallie in Schiermonnikoog, Klik voor vergroting Maandag 09-06, 7-8 à 4-5 wzw. 20-24* droog.
07.00 Uur overal. We hadden door de harde wind besloten om een rustdag te houden. Na een gesprek met Frans en Margot besloten we, op mijn verzoek, tot ontbinding van het flottielje. Mijn trouwe Wallie was op de eerste plaats aan de wind te langzaam voor de White Seal. En op de tweede plaats was mijn vaarplan eigenlijk anders. Ik wilde zo snel als mogelijk naar de Oostzee. Desnoods binnendoor! Frans en Margot wilde eigenlijk de hele waddenkust tot Denemarken af zeilen en dan eventueel via de Limfjord naar de Oostzee. En op de derde plaats ben ik tot de ontdekking gekomen dat ik, ondanks dat het reuze gezellig was en dat Frans en Margot een fijn gezelschap zijn om mee te reizen, meer een Einzelgänger ben. We blijven via het mobiel contact houden en misschien treffen we ons deze zomer nog ergens. Samen het dorp in, voor friet en kibbeling en een koele dronk. Terug bij de haven aangekomen bleek de White Seal al in diep water te liggen. En aangezien het een behoorlijke slikbank, plus een vrij diepe slenk was waar ze doorheen moesten baggeren om bij de boot te komen, besloten we om eerst maar op de Walvis thee te gaan drinken. Anderhalf uur later bracht ik Frans met Wallie naar de White Seal. Margot bleef achter om Wallie weer op te vangen. Frans ging ankerop en kwam een half uurtje later ook in de haven en meerde aan de overkant af. Ze hadden toch ook wel zin in een rustige nacht in de haven. Het woei tenslotte nog keihard. Dankzij de Drascombe bezittende havenmeester mochten we goed beschut in de hoek van de inboorlingen van Schiermonnikoog liggen. Op deze plaats nog veel dank! Samen nog een paar biertjes gedronken en dan een wat weemoedig afscheid genomen. Het was toch gezellig geweest! Nog wat rondgewandeld en toegekeken bij het afmeren van de grote charterklippers. Altijd weer een belevenis. Verder vroeg in de kooi, want morgenvroeg is het weer vroeg dag.

Dinsdag 10-06, zwaar bew. 3-5 zo. 19-3° droog/regen.
03.15 Uur overal. Een vlug ontbijt en dan Wallie zeilklaar maken. Dubbel rif in het grootzeil en de druil weer hijsen. Ik laat het nu een gewoonte worden om elke avond de druil met gaffel te laten zakken. Ik wil nog graag met het halfgare zeil thuis komen. Tegen halfvijf de landvasten los en nagezwaaid door Frans en Margot, die ook bezig waren om de White Seal zeilklaar te maken, de haven uit. Nauwkeurig peilend en de geul volgend, wat eenmaal bijna mis ging omdat ik het reddingsvest aantrok (grondberoering), kwamen we tenslotte in dieper water. Door de zuidoostenwind, was mijn doel Lauwersoog. 06.00 Uur afgemeerd in Lauwersoog en wachten op de eerste schutting van zes uur. Na het schutten weer onder zeil en koers gezet naar het eilandje Senneroog. Na het afmeren twee kleine biertjes en een stevig ontbijt. Vervolgens onder de vette lappen en geslapen tot ± drie uur. Tegen halfzes een telefoontje van Margot, die vroeg wat mijn verdere plannen waren. Ik weet het eerlijk gezegd nog niet, maar het evenwicht slaat eigenlijk door naar gewoon in Nederland blijven en de Oostzee voor dit jaar maar te vergeten. Dat is tenslotte ook geen ramp.

Maandag 16-06, licht bew. 1-3 var. 20-24° mooi weer.
07.00 Uur overal, na een rustige ankernacht. We liggen ten anker op de Terkaplester poelen, in de luwte van een oude boerderij en een groep bomen. We zijn een week verder in de tijd en zijn via het Bergumermeer, de Prinsenhof en een hoop geluier tot hier gekomen. Vandaag staat het Sneekermeer op het programma. En dan vervolgens naar de Fluessen. Alles verliep volgens plan. Op de Langweerder wielen een toevallige ontmoeting met Chris en Birgit met de Olle. Even bijliggen en wat bijpraten. Ze kwamen van een familiefeest en gingen nog een paar dagen zeilen. En dan scheiden onze wegen zich weer. Tegen vijf uur waren we op de Fluessen. De wind was inmiddels wat vlijtiger geworden en kwam precies uit de goede hoek om op een bezeilde koers naar Stavoren te koersen. Na een leuk tripje waren we tegen negen uur in de binnenhaven. Een fijne zeildag!

Dinsdag 17-06, half bew. 2-3 ozo. 16-25° mooi weer.
06.30 Uur overal. Hoewel het een prima wind is voor een oversteek naar Enkhuizen blijven we vandaag in Stavoren. Victualiën laden en een beetje luieren in de stad. Het havengeld is hier nog steeds mensvriendelijk. Het weerbeeld gaat in de loop van de dag weer veranderen. Zuidwestenwind, plus regen en onweersbuien. Morgen zoek ik wel een ankerplek op de Fluessen. 's Middags een toevallige ontmoeting met Theo Kampa en vriendin Elisabeth met de Tinteling in de spoorhaven. Gezellig een biertje gedronken en bijpraten. Na een broeierige dag begon het tegen zes uur te regenen en de wind uit het noorden te waaien. Precies mijn optrekje in! Wallie gedraaid.

Maandag 23-06, zwaar bew. 5-6 zw. 19-22° droog/regen.
We zijn weer een week verder in de tijd. De week is verlopen met redelijk weer, met af en toe flink wat wind. We zijn via de Fluessen, Gaaster Brekken en het Slotermeer naar het Tjeukemeer gezeild. We liggen nu aan de steiger van een nieuw opgespoten eiland. Het was er tenminste de vorige keer nog niet dat ik hier was. Het is een fijne zeilweek geweest, maar nu wordt het tijd dat we Friesland gaan verlaten. Het wordt te vol! Je kan goed zien dat zo langzaam aan de vakanties aanbreken. Op het eiland staat een groot bord, waarop verhaald wordt hoe het Tjeukemeer waarschijnlijk ontstaan is en hoe de twee nieuwe eilanden aan hun naam gekomen zijn. De sage laat weten dat er in een grijs verleden een grote veenbrand woede en dat er twee dappere boerinnen waren, die probeerden de brand te blussen met emmers vette melk. Dat bleek niet zo'n succes te zijn, want daardoor wakkerde de brand nog meer aan. Verder ligt het lot van de dames in het duister, maar de brand zorgde er wel voor dat het veen afbranden en dat er ruimte voor water kwam. Met gevolg, het Tjeukemeer. Het zij zo! Het zijn prachtige stukjes natuur in wording. Na de was- en scheerbeurt vond ik eindelijk een kam en kon ik na vijfenvijftig dagen mijn haar eens uit de knoop halen. Vervolgens konden we netjes gewassen en geschoren de landvasten los maken en gingen we op de motor naar Echtenerbrug, voor victualiën en een fris getapt biertje. Tegen twee uur volgeladen met verse waar door de brug, waar een vrij onvriendelijke brugwachter met een klompje zwaaide. Ik hield namelijk naar zijn idee het klompje wat te lang vast en daardoor luchtte hij z'n hart met de volgende kreet: 'meer eens af klootzak, dan kan ik je voor je hersens stompen'. Wat ik natuurlijk wijselijk niet deed, hoewel ik me van geen kwaad bewust was. Hoewel het kanaal op de harde wind bezeild was bleef ik op de motor door varen. Ik moest namelijk de batterij opladen, die ik speciaal aan boord heb om de mobiele telefoon op te laden. Nabij de Driewegen sluis kwam er een flinke bui over. Eerst een plekje achter de bomen gezocht. Alles vol. Dan maar gelijk door de sluis en een noodstop achter een boerderij gezocht. Nadat het weer enigszins tot rust gekomen was weer verder en een paar kilometer verder achter een bomenrij afgemeerd voor de nacht.

Dinsdag 24-06, licht bew. 2-4 wnw. Droog, 19-22° mooi weer.
07.00 Uur overal. Het belooft een mooie dag te worden. Volop zon en een rustig windje. Tegen tien uur op weg naar de Weerribben en de Beulakker. We hebben voor volgende week een afspraak met Klaas Hoogewerff, om eventueel een paar dagen te zeilen op de Beulakerwijde. Halverwege de Kalenberger gracht in een zijsloot afgemeerd op voor- en achteranker. We liggen hier prima, midden in de natuur. We houden een rustdag. Klaas komt pas maandag terug uit Frankrijk. In de middag kreeg ik bezoek van twee jonge dames in een bootje, die met een peilapparaat opzoek waren naar otters. Die moesten hier rijkelijk voor komen. Verder de dag in eenzaamheid doorgebracht.

Zaterdag 05-07, zwaar bew. 2-5 nw. 15-20° regen/droog.
07.00 Uur overal. Het is een miezerige ochtend! De wind is redelijk gunstig. We zijn weer elf dagen verder in de tijd. De afgelopen dagen zijn met redelijk tot slecht weer verlopen. De Beulakerwijde is een mooi natuurgebied om te zeilen, alleen wat klein. De afspraak met Klaas om te zeilen viel door het slechte weer in het water. In de plaats daarvan bracht ik drie dagen in gezelligheid bij Klaas en Regitse thuis door. Halfnegen vertrek uit de haven van Blokzijl. Tot aan de brug naar het Zwartemeer was alles bezeild. Na een vergeefse poging te kruisen in de vaargeul op het Zwartemeer ging al vlug de motor weer aan. Je loopt te vlug vast als je buiten de boeien komt. Bij de Schokkerhaven een korte ankerstop gemaakt voor een hap en een slok. Dan de zeilen weer omhoog en op een halve wind het Ketelmeer op. Het nieuwe opgespoten eiland in het Ketelmeer is een goede golfbreker voor winden uit de westhoek. Plus dat er goede ankermogelijkheden voorhanden zijn. Dat is een goed alternatief voor de verdwenen Schokkerhaven, die vroeger diende als vluchthaven. Tegen acht uur achter de brug bij Elburg ten anker.

De auteur, Klik voor vergroting Dinsdag 08-07, zwaar bew. 2-3 zw. 20-24° droog/regen.
08.00 Uur overal. We liggen weer achter de spijker in de vluchthaven bij de Diemer centrale. De randmeren zijn in een redelijke tijd bezeild. Tegen tien uur waren de masten plat en zette we koers naar Muiden. Om halfeen door de sluis. En dan volgde het zouteloze stuk over de Vecht tot Utrecht. Nadat je er zo'n kleine honderd maal doorgevaren bent is de nieuwigheid er af. Met de laatste schutting door de Weerdsluis en afgemeerd aan de passantensteiger. Tegen twee uur in de nacht weer bezoek van twee dronken lieden, die het op mijn benzinetank voorzien hadden. Wederom bracht de slagersbijl ze op andere gedachten. Rap, rap!! Om verder onheil te voorkomen ontmeerd en vervolgens afgemeerd aan de palen. Nu zullen ze eerst moeten zwemmen!

Donderdag 10-07, onbewolkt, 1-2 wzw. 20-32° hittegolf.
07.00 Uur overal. We liggen in de stadshaven van Gorcum. Het is heet! Na de ochtend beslommeringen de wasmachine aan het werk gezet en vervolgens de stad in voor victualiën. Halftwaalf door de sluis en vervolgens een poging gedaan om voor de vesting te ankeren. Gelukkig was ik voorzichtshalve op de riemen naar binnen geroeid. Wallie liep al vlug vast op een zand- en steenruggetje. Vlug overboord gestapt en Wallie op het laatste moment los getrokken. Dan zie je pas dat hier een vlotte stroom loopt. Roeiend de veiligheid opgezocht. Op de motor verder naar Werkendam. De wind was tegen, er kon dus door het laveerverbod niet gezeild worden. Dat is sowieso een poging tot zelfmoord om hier te kruisen. Na de sluis in Werkendam verder door het Steurgat naar Drimmelen. Tegen drie uur afgemeerd en vervolgens slapen en rusten in de roef. De temperatuur was opgelopen tot twee-en-dertig graden. Buiten in de haven was door een totaal gebrek aan bomen geen spat schaduw te vinden.

Vrijdag 11-07, licht bew. 4-5 nw. 20-24° mooi weer.
06.30 uur overal. Tegen halftien de lijnen los en onder zeil. De pittige wind hadden we tegen, maar de stroom hadden we mee. Grootzeil op één rif en de rest vol bij. Kruisen tot het Noordergat van de Vissen. Daar voor de middaghap en een rustpauze ten anker achter de bomenrij. Tegen zes uur ging de wind iets liggen en gingen we weer op pad. Bij de Moerdijkbruggen gingen de zeilen naar beneden en gingen we op de motor verder tot voorbij de Noord. Onder de drie bruggen door kruisen, is door het drukke beroepsverkeer lastig en gevaarlijk. Daarna weer onder zeil en op een scherp aan de windsrak koers gezet op Willemstad. Kwart over acht na een fijne tocht afgemeerd in de haven.

Zaterdag 12-07, licht bew. 3-5 nw. Droog, 20-25° mooi weer.
05.30 Uur overal, en na een vlug ontbijt sluipsgewijs de haven uit. Ik had geen zin om voor die weinige uurtjes slaap havengeld te betalen. Plus dat je dan tot negen uur moet wachten. Na het schutten door de Volkeraksluis afgemeerd en koffie gezet, plus een stevig ontbijt tot mij genomen. Zoals gewoonlijk op de terugreis koos ik ook deze keer voor het Schelde-Rijnkanaal. Dat heeft met het getijde op de Oosterschelde voordelen. Weer onder zeil en op een kruisrak naar het kanaal. Het kanaal deed ik ondanks dat het redelijk bezeild was op de motor. Er was ditmaal druk beroepsverkeer. Tegen drie uur voor anker bij de Bergsche Diepsluis en wachten op de kentering van het tij. De wind was inmiddels pittig, dus gingen er twee reven in het grootzeil. ± Halfvijf waren we door de sluis en konden de zeilen weer omhoog. Het beloofde een pittig afsluiting van de reis te worden. Een dikke vijf en de stroom tegen. Een mijltje of twee van de sluis ontwaarde ik terugkijkend een dikke zwarte rookkolom en grote vlammen boven de sluishaven. Brand! Bij het vertrek uit de haven lagen er twee motorjachtjes tegen de steiger; en dan natuurlijk ook de charterboten met de visliefhebbers. Hopelijk vallen er geen slachtoffers. Na een fijne tocht konden we om halftien door de sluis en op mijn stekkie voor anker. We zijn weer thuis! Een stuk vroeger als eigenlijk de bedoeling was, maar het is goed zo. Er wacht me nu eerst een week ploeteren, om de tuin weer enigermate van onkruid te bevrijden. En ook de twintig meter lange heg moet onder het mes. Vervolgens komt mijn vriendin drie weken op bezoek. Daarna gaan we nog een aantal weken onder zeil! Een groet aan alle Drascombe zeilers en een toedeloe!!

Reijer Bergsma