Traditioneel Wadden Winterweekend 2001
door Antoine Maartens

Woensdag 31 oktober 2001

De auteur op het Posthuiswad. Klik voor vergroting

De Nederlandse Kustwacht laat om 0805 weten dat een uitdiepend lage drukgebied boven Z Noorwegen in oostelijke richting naar Zweden trekt en waarschuwt voor een van ZW naar W/NW ruimende 7 à 8, af en toe regen, in de avond kans op buien met mogelijk hagel en onweer... de toon is gezet: prachtig TWW weer!

We rijden met Navis Longboat en opstapper/broer Michel veel later dan gepland en zijn zodoende weer veel later te laat in Harlingen. Als we daar aankomen liggen Midi met Eugène van Corstanje en Skua met Frans Zeegers te rijen naast voormalig hr.ms. Sittard. Er loopt een golfslag van ongeveer 0,75 cm recht de Nieuwe Willemshaven in. Teveel voor een goede nachtrust. Hans Vandersmissen, godfather van de NKDE, komt uitleggen waarom hij bij deze gelegenheid niet lijfelijk kan deelnemen aan de schermutselingen. Nadat Navis Longboat in slagregens en windstoten met trailer en al aan de rol gaat, biedt hij ons heel sympathiek een slaapplaats op zolder aan hetgeen vanzelfsprekend beleefd doch beslist moet worden afgewezen. Na allerlei geneuzel komt Navis te 1900 (aarde donker) te water. We moeten even wennen want alles is weer behoorlijk exposed op de open Longboat. Help Skua en Midi van hun plek naar een plekje naast ons. Zetten de ruime tent en gaan slapen – dat lukt ook wel maar er huilt een bronstige zeekoe in de buurt. Het water beweegt zo veel en de vloed gaat zo hoog dat de drijvende steiger waar we aan liggen het zwaar te verduren heeft, en dat ook laat horen. Harlingers brengen hun op de haven geparkeerde auto’s in veiligheid, ‘s nachts loopt de vloed over de kade heen.

Donderdag 1 november 2001 HW 0937, LW 1700


Klaarmaken voor vertrek in Harlingen. Klik voor vergroting

Het waait nog immer heel hard, NW 7 maar er wordt later een van NW 5 à 6 naar W 4 à 5 krimpende wind verwacht. We liggen heel beschut naast een RIB en de P96 van de Hermandad, achter twee windbrekers. Beschut maar wel op lagerwal in de lokale vuilnisbelt waar Olle met Ton van den Broek zich bij ons voegt. We doen ‘s ochtends een eerste poging om met HW naar buiten te komen. Alleen Midi heeft het inzicht om lekker te blijven liggen. We falen faliekant en keren terug naar onze uitgangspositie. Ben duidelijk nog niet ingeslingerd en maak de ene na de andere fout. Eigenlijk moet een motorloze open boot op het wad gevaren worden zoals een clubje zeeverkenners dat net voor een baksexamen staat: standariseren en voorbereiden, standariseren en voorbereiden, standariseren en voorbereiden. Dat had ik duidelijk niet afdoend gedaan. Verlies Navis Longboat bijna door op de basalt dijk te knallen maar gelukkig zijn de wrikvaardigheden van de opstapper aanzienlijk en weet hij ons veilig voor de wal te brengen. Koken een heerlijke tempeh/broccoli/Madam Jeannette schotel waarbij de Madam Jeannette (een heel scherp soort Surinaamse peper in bonsai paprika voorkomen) in stoomwolken de oren uitkomt. Het is werkelijk een nogal pittige maaltijd. Laat in de middag doen we te 1500 alsnog een poging naar buiten te komen en gaat het feest echt beginnen. We klappen in de geul met het restant van de eb mee, tegen de wind in, langs de Pollendam. Het is werkelijk een glorieuze tocht maar helaas krijgen we Midi niet te pakken – zal wel het gewicht van twee man met al hun troep zijn. Het doel van de tocht is de naamgeving van een nieuw gekarteerd, onbewoond eiland ten NO van Griend.

Als de eb in de Blauwe Slenk omslaat in vloed zoeken we te 1730 de randen van de plaat waarvan Griend de bovenkant is. Dit in de hoop daar tegen de vloed in te komen. Toch besluiten we met Midi tij te stoppen om met meer water direct de Meep in te kunnen varen en zodoende de vloed weer mee te krijgen. Het anker gaat er in en we merken dat de nieuwe broodbak werkt. We hebben meteen te eten zonder dat we iets hoeven om te bouwen of op te breken. De thermosflasken bewijzen goede diensten – het water is zowaar heet en dat zorgt voor heerlijke soep.

Er blijft met dit weer niets zomaar droog op een Longboat. Slaapzakken zijn gestouwd in twee voor de zwaardkast vastgesjorde waterdichte tonnen, psu’s in twee kleine tonnetjes die precies de motorbun vullen. Dit alles dubbelt, evenals de twee gigantische stootwillen die net in de voorste kastjes onder het gangboord passen, als extra drijfvermogen. Victualiën, branders en kommaliewant zijn in twee kisten op wielen in het achteronder gerold. Aan BB is ‘snel bij de hand eten’ zoals broodbak en thermosflessen opgeslagen en aan SB zijn scheeps- en navigatie benodigdheden, meestal waterdicht en vast gesjord, te vinden.

Midi komt naast ons liggen, Skua en Olle zijn nergens meer te bekennen. In de buurt zien we een rubberboot met een noodgang rond scheuren. Wat is hier aan de hand? Nadat ik alle belangstellenden op het thuisfront heb geïnformeerd over onze voortgang en plannen, krijgen we bezoek van de KNRM in overlevingspak. Ze komen van Vlie en beklagen zich over onze zichtbaarheid in het algemeen en de toestand van onze verlichting in het bijzonder – het is inmiddels donker. Navis Longboat voert een wit rondschijnend toplicht maar geen radarreflector. Het blijkt dat diverse overheden zich zeer bezorgd over ons maken. De snelle veerboot Koegelwieck meende iets te hebben overvaren, de P96 zegt zich ongerust te maken over onze tocht en heeft de Brandaris ingelicht die vervolgens, dit alles overziend, de KNRM alarmeert. We vallen even stil, beloven voorzichtig te zijn en vertellen onze redders dat we vooralsnog niet dood willen overwegende de nog jonge kinderen etc... Bel de Brandaris en spreek met Piet af hen op de hoogte te houden van onze plannen en voortgang (hetgeen ook daadwerkelijk gebeurde) en biedt excuses aan voor de overlast.
Waterdicht en warm tot -20°C. Klik voor vergroting Na het diner gaan we te 2030 met Midi op weg naar ons doel. We blijven dicht bij elkaar en maken een prachtige halve windse tocht over een wolkenloos, volle maan beschenen waddengebied. Na twee uur ontwaren we Olle die op de afgesproken plek voor anker ligt. Geen eiland te bekennen – die naamgeving gaat niet lukken. Wat wel lukt is een heerlijke nachtrust – wat een genot. In eerdere berichten heb ik reeds de loftrompet op mijn werkelijk super dooper slaapzak geblazen. Welnu de bemanning, anders zeer onrustig des nachts met druilwachten, verplaatsingen etc., altijd dik ingepakt op zak, hij heeft er nu ook een in dezelfde GTI uitvoering (waterdicht en warm tot -20°C). En voilà – hij slaapt als een pasgeboren baby in Adams tenue hetgeen de meegevoerde hoeveelheid bagage minimaliseert. Voorwaar een belangrijke overweging in een open schuit als Navis Longboat. Nog belangrijker, het bevordert de nachtrust van ondergetekende aanzienlijk.


Vrijdag 2 november 2001 HW 1000, W5

Waar zijn die eilanden nou?. Klik voor vergroting

We zijn een beetje laat wakker en de cruising routine is ook nog niet helemaal aanwezig. Pech in de heg: we varen te laat af. Met wel als gunstig effect dat White Seal met Frans en Margot Schaake – die we al in de omgeving wisten - aan de einder opdoemt. White Seal was op eigen kiel vanuit Nulde naar Makkum gevaren, had daar de storm uitgereden en was donderdagnacht op de Ballastplaat, onder Griend drooggevallen. Vermeldenswaardig is dat Margot zich de eerste vrouw in de historie (sinds 1993) van het TWW mag noemen!

Skua, die in het Franse Gaatje overnacht had, doemt ook op, sms werkt werkelijk geweldig op het wad. We gaan nu met vijf schepen richting de kardinaal FG/VB (Franse Gaatje/Vlielander Balg) ten W van de Richel om daar droog te vallen, te koken en te zien wat er verder staat te gebeuren. Een duidelijke afwijking van het eerdere plan om de Vierde Slenk van Terschelling op te zoeken. Maar met de weersverwachting in het achterhoofd en de luiheid in het gestel is het natuurlijk veel aantrekkelijker langzamerhand naar ons favoriete plekje, mijn aanstaande laatste rustplaats, te trekken. Te meer daar Midi en Navis Longboat daar het hele jaar nog niet ankerden. Kortom de Knekelpiek van Vlieland trekt als zelden tevoren.

We reven en daveren over de laatste vloed door de Meep en zoeken daar later weer de randen van de Griend op om in de eb zoveel mogelijk hoogte te houden.
Olle, Midi en Navis in het Fransche Gaatje. Klik voor vergroting En weer Midi hè, heel irritant, wat is die schuit toch snel. En waar het aan ligt, ik weet het niet. Boze tongen beweren zelfs dat Maître du Kastanje – zoals mijn kinderen Eugène van Corstanje tegenwoordig liefkozend noemen – een fenomenale hoeveelheid stoeptegels (!) in het achteronder mee zeult. En dit uitsluitend voor good looks. En dan nog hard varen ook. Het is natuurlijk geen wedstrijd, ik weet het, maar toch. Een prachtige dag, het rif kan er naar een tijdje echt wel uit. We varen vrij ver door naar het zuiden om daar het Inschot over te steken. Met de eb onder de lij parallel varend aan het Franse Gaatje. We strijken de zeilen bij de FG/VB en laten de boot terugzakken naar de FG14 zodat de andere schepen ons in het snel vallende water ook nog kunnen bereiken. Dat lukt Olle wel maar White Seal en Skua lopen een stukje van ons vandaan aan de grond. Op Navis Longboat wordt de voortent opgezet en worden te 1500 de vuren ontstoken. Uit Midi's krochten wordt een voorraad zeebanket tevoorschijn getoverd hetgeen leidt tot een overheerlijke hete maaltijd met rijst en gamba's in een saffraan roomsaus. Wellicht belachelijk, maar het is toch prettig te weten dat je goed gevoed de nacht in gaat.

We hadden natuurlijk al leuk gevaren maar waren nog niet klaar en besluiten naar het Posthuiswad door te varen. We liggen een uur of twee echt droog, van ongeveer 1500 tot 1700, en gebruiken deze tijd eigenlijk volledig voor koken, eten en afwassen. Rond 1900 gaan we anker op in wat toch een trend lijkt te zijn van het TWW 2001: nachtzeilen. We vertellen de Brandaris van de plannen en gaan aan de gang. Een ieder voert nu een klein lampje. Skua blijft nog wat liggen maar de andere schuiten duiken een voor een de nacht in. Eerst gereefd met een lange slag ZW en vervolgens naar de dijk van Vlieland – zo dicht bij dat we het water op de wal horen klotsen. Ontreefd en daarna weer gereefd. Wat een prachtige tocht. Het is nu een totaal andere sfeer dan de vorige avond. Geen maan maar harde vlagen en aan de pompen. Het boord gaat een aantal malen diep onder water, maar Navis Longboat geeft geen krimp en dendert heerlijk met de vloed mee. Af en toe zien we een donkere schim langs schieten met een mini lampje in de masttop. Het geeft een vreemde sfeer. En weer ligt Midi te 2200 als eerste voor de wal (wij hadden we ook nogal geteut met de afvaart). Nog lang geborreld met drie boten naast elkaar, Skua was niet meer gezien. We willen de schepen uit elkaar leggen maar het hoeft niet meer, het water is al weer weg. We gaan laat slapen met mooie plannen voor de zaterdag – lunch op de west punt van Vlieland – iets wat al lange tijd op mijn lijstje staat. En weer nestelen wij ons in Morpheus armen.
In het zonnetje op het Posthuiswad. Klik voor vergroting

Zaterdag 3 november 2001 HW 1036 / 2257, W3

We worden wakker op een zonovergoten wad. Blijf heel lang liggen en besluit sowieso maar te blijven liggen om een dagje van het onvolprezen Posthuiswad te genieten. Skua arriveert na een nacht in het Lange Gat onder de Vliehors te hebben doorgebracht, Olle gaat richting Terschelling om Captain Chris op te halen. We spreken af voor 's nachts in het Franse Gaatje. En zo begint een dag, vrij naar d'oude koningin Juliana in 1948 'Wie ben ik dat ik dit mag doen?' We rollen de zijluiken van Navis' tentje op en zitten in de zon, uit de wind in stilte van het leeglopende wad te genieten. Eidereenden, scholeksters, dat heerlijke 'gak gak gak' en gepiep van die beesten.
Wandelen op de Vliehors. Klik voor vergroting Na een aantal uren verstild genieten aan de wandel. We komen langs het Posthuys, door de Kroonpolders, op naar de tanks. M’n opstapper neemt als een nieuwe Norman Schwartzkopff plaats in de geschutkoepel van de eerste de beste Leopard en poseert als een volleerd tank commandant. Wellicht heeft zijn S5 toch diepere kloven geslagen dan hij zelf beseft. Bij het Posthuys mogen we nog maar één biertje en geen pannenkoek - we zijn te laat. Dan maar zelf koken. We maken de laatste hoeveelheden Madam Jeannette op – de maaltijd is dusdanig heet dat bij Michel het zweet op het voorhoofd verschijnt. Sluismeester Frans informeert belangstellend of ik voor mijn kinderen wellicht ook zo gekruid kook. Vanuit Midi wordt aan mijn peper brouwsel een overheerlijke pompoen curry toegevoegd. Na de afwas maken we klaar om te vertrekken.

Het is inmiddels pikdonker en 2300. We hebben een heerlijke westenwind in de rug en zetten de uithouder uit. Heel laf varen we achter het silhouet van Midi aan. Ik verwijt me zelf niet goed te hebben gecommuniceerd over de gewenste anker plek. Had natuurlijk moeten zeggen ‘Dwars van het Vuurduin met een koers...’. Nu zit ik me zorgen te maken dat onze voorliggers niet onverwachts de Vliestroom in spoelen om vervolgens een gezellige nacht buitengaats op de Gronden van Stortemelk door te brengen. De eb trekt ons met volle kracht naar het zeegat en die boeien zijn toch wel heel moeilijk te vinden in de pikdonkere nacht. Overal om ons heen zien we de bruine vloot met hun afsluitende race bezig. Op kanaal 2 van VC Brandaris is het een drukte van belang en wenst Piet de opvarenden ter afscheid ‘Goede overwintering’. We schieten N de Richel op totdat we grond onder het zwaard voelen, het is 0015. Op de sms blijkt dat zich een zesde schip bij het eskader heeft aangesloten. Het is Mallemok, een Cruiser uit Texel met aan boord Leo van der Vaart en opstapper Karien, de tweede vrouw ooit op het nu al legendarische TWW 2001. Ook Olle en Mallemok liggen op de Richel. Maar waar zijn White Seal, Midi en Skua? Ik kan ze in het aarde donker niet vinden, de Brandaris zwenkt vertrouwd over de platen maar toch ga ik licht ongerust te kooi.

Zondag 4 november 2001 HW 1120, NW 6/7

We zijn redelijk bijtijds wakker en maken vlotjes zeilklaar. 1000 varen, 1200 voor de wal in Harlingen is de bedoeling. Niemand is de Vliesloot ingespoeld. Captain Chris integreert met Mallemok. Maar als altijd valt de vloot voor de laatste tocht uit elkaar. Wij koersen meteen richting Blauwe Slenk, terwijl ook de anderen huns weegs gaan. We genieten van een hele leuke - maar onverantwoorde - ruime windse planeer tocht. Het is spannend om zo door te denderen terwijl Navis als een jong veulen door de wei raast. Alle marrellijntjes blijken goed vast te zitten. Toch blij als we weer heelhuids afgemeerd zijn. Als Navis op de trailer staat loopt ook Midi binnen. We verorberen nog een lunch a/b van Midi die er wezen mag en vertrekken dan naar Edam – heel erg warm en rozig door de vele buitenlucht.


Het TWW2001 is weer te einde. Klik voor vergroting

Het TWW 2002 wordt weer met volle maan maar voor het eerst in Duitsland gevaren en wel vanuit Varel, op de Jadebusen, van 16 t/m 20 oktober. Admiraal is Kurt Mross (Zie agenda).