Mijn schip heet daarom waarom

Waarom onze Lugger niet ‘Windekind’ heet, maar wel ‘Peer den Schuymer’…

Beetje eigenaardige titel, maar tijdens enthousiast doornemen van Register van Scheepsnamen 2003 bleek onze (toffe) Peer nog te boek te staan als Windekind, kleur zwart… terwijl onze inspanningen afgelopen winter een herdoop rechtvaardigen. Na aankoop in november 2002 is de zwarte Lugger liefdevol geschuurd tot zij haar oorspronkelijke aquamarijn kleur toonde, vervolgens behandeld met epoxyprimer en afgelakt met vier royale lagen polyurethaan lak, kleur crème wit. Crème omdat dit zo prachtig kleurt met haar roestbruine zeilen en fraai teakhouten potdeksel.

En hoewel herdopen geen goede gewoonte is bij zeerotten en we wellicht Neptunus onnodig tarten, hebben we de Lugger omgedoopt tot Peer den Schuymer.

Op mijn netvlies staat namelijk een plaat van een Jongert schip met de prachtige naam Mephisto, op de poster zeilt het schip onder enorme spinnaker sfeervol richting horizon. Op de enorme spinnaker is Faust’s duivel Mephisto afgebeeld. In een tijd dat spinnakers nog gewoon wit waren of een flauw kleurtje hadden was dit een indrukwekkend beeld…

Met de aankoop van de Lugger stond één ding vast, de naam zou niet alleen in letters indruk moeten maken, maar ook grafisch. Met dat gegeven was de keuze eigenlijk snel gemaakt: Peer den Schuymer, zoals getekend door Pieter Kuhn in Kapitein Rob is minstens zo indrukwekkend en intrigerend.

De bovenste gang van de Lugger toont dan ook op beide boorden het trotse beeld van deze woeste piraat, precies zoals in m’n eerste gedachte de bedoeling was. Geen vrees, de doodskopvlag zal niet in de druilmast wapperen (al denken m’n dochters daar ongetwijfeld anders over...).

Hartelijke zeilersgroet,
Patrick Naber
Lugger Peer den Schuymer


Verraad

'Jongen je gaat hier spijt van krijgen'. Dat was de boodschap die me van verschillende kanten werd medegedeeld. Nemo verkopen leek veel vrienden en bekenden een slecht idee. En ik moet bekennen dat ik lang getwijfeld heb. Een Coaster is ook zo'n veelzijdig bootje. Trailerbaar, vaart heerlijk, je kan er overal mee komen ( zelfs door een nat weiland varen lukt nog ), wendbaar, minimale kruiphoogte, droogvallend, goed alleen te zeilen, weinig onderhoud en last but not least: een zeer hoge aaibaarheidsfactor.

En toch en toch.... Alice, dochter Eva en ik zijn toe aan een nieuw schip. Natuurlijk zijn we op zoek naar een drijvend schaap met vijf poten. We willen graag als gezin naar het Wad kunnen. Het nieuwe schip moet rechtop droog kunnen vallen, tegen een stootje kunnen en wat meer comfort en ruimte bieden aan de opvarenden. Een rond- of platbodem viel af omdat de mogelijkheid tot solozeilen een belangrijke voorwaarde was. De inhoud van de beurs speelde natuurlijk ook een rol. Ooit heb ik zelf een bootje getekend en ingestuurd naar een ontwerpwedstrijd van het blad Classic Boat, waar het in de prijzen viel. De ontwikkeling en de bouw van iets dergelijks is echter zo kostbaar dat ik dat plan maar heb laten varen. Ik heb helaas geen suikertantes met een zwakke gezondheid.

Het afgelopen seizoen heb ik op het Wad mijn ogen goed de kost gegeven Veel waddenboten werden kritisch bekeken. Ik informeerde zelfs bij verschillende eigenaren naar de ervaringen met hun schip. In de haven van Delfzijl lag ik zij aan zij met een Nienke. Ik had al eerder schepen van dat ontwerp gezien en het zijn goed gebouwde boten die een aantal eigenschappen combineren die mij bevallen. De stalen boot van 9.30 m. heeft een lange ondiepe kiel met midzwaard. De kielzool is zo breed dat er op droog gevallen kan worden. Diepgang met opgetrokken zwaard is slechts 65 cm! Het uiterlijk is stoer, met een forse zeeg, een achterkajuit en een traditionele opbouw met ramen en patrijspoorten in bronzen vattingen. Er staat een torensloep tuigage op met een oppervlak van ca. 40 m2 aan de wind. De inmiddels overleden ontwerper Evert de Boer uit Delfzijl heeft meerdere types getekent van de Nienke. Allemaal hebben ze gemeen dat ze zijn ontworpen voor de Eemsmonding. Een lastig vaarwater dat pittige eisen stelt aan de zeewaardigheid van de boot.

Thuis ben ik op internet gaan zoeken en tot mijn verrassing kwam ik er een Nienke tegen die in Hellevoetssluis te koop lag. We zijn gaan kijken en het bleek om een schip te gaan dat ons wel kon bekoren. Na een keuring en wat loven en bieden waren wij plotseling eigenaar van deze Nienke geworden. De naam van het schip was Doolaard, maar daar gaan wij Nescio van maken; ook een schrijver dus dat moet kunnen.

Goed, we zijn de Drascombe dus ontrouw geworden, hoewel we het gevoel hebben in een soort super Dras rond gaan varen. Een stalen bak met een aluminium paal er op, een kachel erin, stahoogte en een 18 pk Yanmar diesel onder de kuipvloer; wat een overgang! Onvergefelijk natuurlijk. Puur verraad aan het echte Drascombe-wezen, zo'n watjesboot Comfortcontainer zonder druil. Het moest niet mogen!

Om de overgang wat minder hard te maken blijf ik nog een tijdje lid van de club. Waarschijnlijk als een outcast, maar dat heb ik aan mijzelf te danken, had ik maar niet zo stom moeten zijn.

Ton Wegman, Ex-schipper van de Nemo

 



Drascombe gekraakt!


Klik voor vergroting Klik voor vergroting

Sinds kort ligt mijn Drascombe Coaster in de jachthaven van Lauwersoog. Nog maar kort eigenaar van bouwnummer 8, de Beagle, voorheen Rosebud.

Bij aankomst in de haven, dit Pinksterweekend, bleek de Coaster gekraakt! Een echtpaar meerkoeten had namelijk bezit genomen van de kleine bun voor de buitenboordmotor. Een nest met vier eieren. Dat betekende een dilemma. Van wie is de Coaster nu eigenlijk. Tenslotte toch maar besloten het weekend een paar korte tochten te maken op het Lauwersmeer. Met als resultaat een paar boze meerkoeten.

Bij terugkeer in haven lag het echtpaar overigens te wachten. Zodra wij de Coaster hadden verlaten stappen zij weer aan boord.

Ronald van den Berg
29.05.07


Klik voor vergroting