Met Gulliver op TWW

Datum, 1 november 2006

Als enthousiast TWW-ers, soms met, soms zonder de kring meldden maat Frans en ik onszelf in oktober alvast officieel aan voor de geplande tocht vanuit Lauwersoog. Helaas een dubbele afspraak van een der initiatoren vervroegde het TWW met een week en dat weekend waren onze agenda’s reeds vol. Dus vertrokken wij, met een zee van tijd op woensdagochtend 1 november met "Gulliver" achter de auto richting respectievelijk, supermarkt, Muiden voor kaarten tabellen etc. en daarna naar Lauwersoog waar wij om ca. 18.30 uur voor de slagboom van Douwe arriveerden. Het thuisfont, inmiddels redelijk gewend aan onze kamikaze TWW ondernemingen, vertwijfeld achterlatend. Het was de dag ervoor namelijk windkracht 10 geweest met behoorlijk hoog water. Dijkbewaking was ingesteld, restaurants ondergelopen en in de visserijhaven van Lauwersoog bleken zelfs voertuigen van de lage voordijk de haven in te zijn gespoeld. Op zich is noorderstorm 10 bft niet bijzonder, maar een week lang 7 à 8 uit noordelijke streken en dan 10 eroverheen deed het water behoorlijk wassen. Het commentaar van de collega’s op Frans zijn werk was kort en liet geen twijfel "jullie zijn helemaal gek".

Mijn vrouw en schoonmoeder waren er ook niet erg gerust op en Douwes commentaar via de intercom voor de slagboom was ook niet erg geruststellend; "gaan jullie nu nog te water, drascombe zeker hè, nou dan moeten jullie het zelf maar weten, niet mijn verantwoordelijkheid".

Enfin, door de slagboom, geparkeerd achter een bomenrij en starten met optuigen in het donker. Inderdaad het waaide stevig. 8-9 bft uit de Noord gierde als een wilde door de masten van reeds op de kant geparkeerde zeiljachten. Voor de zoveelste keer kijken Frans en ik elkaar aan en denken, vier dagen sauna in een Friese boerderij of het Wad. Onbegrijpelijk, maar weer wordt het het Wad. Bootje tuigen, te water en snel naar een uitstekend restaurant in Dokkumer Nieuwe Zeilen. Na visje en biertje terug aan boord voor cola met whisky. Best wel knus, zo achter de dijk met een gierende wind door de jachthaven. Volgende dag, donderdag, nog steeds windkracht 8 dus lang uitslapen, lang kauwen op ei met spek en dan om ca. 12.30 uur de dijk op naar de veerboot terminal om de condities op het wad te beoordelen. Het is nu laagwater dus de heksenketel valt mee door de beschutting van het brakzand en, nog mooier, de wind zakt spontaan tot 4 bft.

Losgeslagen en op de dijk gezet. Klik voor vergroting

Bootje klaargemaakt 13.15 uur door de sluis en in één slag op fok, druil en stationair draaiende t.t.m. naar de Glinder want over het Brakzand duwen gaat niet. In buien trekt de wind flink aan. Ik schat tot 6 misschien 7 bft. Alert zeilen dus.

Bij de Z12 aangekomen zien wij een bijzondere boos dreigende rol zwarte wolken met een gordijn van water uit Noordelijke richting onverstoorbaar op ons afkomen. Voor de zekerheid fok in, anker snel uit, extra lijn op 2 meter diepte en schuilen achter de plaat en sprayhood.

Een werkschip dat ca. 400 meter van ons vandaan ligt is in de bui totaal verdwenen. Na 10 minuten is het geweld voorbij en zeilen wij verder met boven de Groningse kust een prachtig spectaculair zwerk van tientallen kleuren en vormen. Kruisend wordt de smalle Glinder genomen en in no-time zijn wij bij de ingang van de Siegewal waar het wachten op voldoende water begint. 16.30 uur net voldoende water dus rond 17.00 uur glijden wij de haven binnen waar gelukkig de steigers nog niet zijn weggesleept. Worden opgevangen door een eilander die net een Drascombe heeft aangeschaft en daar enthousiast (natuurlijk) over vertelt. Ook vertelt hij dat er de vorige dag drie boten de haven uit zijn gespoeld doordat de kikkers uit het dek zijn gerukt. Bij Lauwersoog zijn ze weer terug gevonden. Bovendien lag er een gezonken boot in de haven. Volgens het verhaal zouden er voor de Groningse kust 10 schepen van hun anker zijn geslagen, maar het meest stuitend was de verdwijning van het havenkantoer. Het was volledig weggespoeld!! De uit de grond stekende elektriciteitskabels en opengeslagen meterkasten waren de enige overgebleven stille getuigen.

Ongelooflijk. Later hoorden wij dat het water tot 2 meter onder de top van de dijk had gestaan. Zelfs de doorgewinterde eilandbewoner waren hiervan onder de indruk. Na prima maaltijd in het Brakzand te kooi. Gulliver ligt met een voortros aan de kade en een achtertros aan een meerpaal. Lange lijnen i.v.m. het tij. De maan schijnt prachtig op het kabbelende water en snel dommel ik in slaap. ’s Nachts de lijnen gecontroleerd op spanning (zakkend water). Het gebulder van de branding aan de andere kant van eiland is duidelijk hoorbaar.. Rond de klok van 7.00 uur op en met hoogwater over het wantij richting het oosten. Twijfel regeert. Twee wantijen pareren en richting de "Oogen" is het oorspronkelijke plan, maar wij bevroeden wild water in de zeegaten en besluiten naar Willemsduin te varen om daar het zeegat te verkennen. Reeds op het wantij nemen wij met de verrekijker een enorme branding in de Eilanderbalg waar. Ik herinner mij dat ik op de kaart een vrij lange slenk, ongeveer in het midden van het eiland heb gezien. Er is erg veel water door al die stormen en misschien dus wel genoeg om de slenk te bevaren. Ik verleg de koers naar het eiland en zie een opening tussen de duinen aan de Noordzee kant. Volgens de kaart moet daar de slenk zijn.

Met 90cm onder de kiel naderen wij het eiland tot de slenk duidelijk zichtbaar wordt. Als een riviertje doorsnijd hij de kwelder. De diepte loopt af naar 80, 70 tot uiteindelijke 60cm. Vlak voor de monding loopt hij plotseling weer op tot 90cm! Er ligt duidelijk een drempel voor de slenk. Wij glijden de slenk in en het voelt als een expeditieschip dat de Amazone binnendringt. Al snel splitst de slenk en wij kiezen voor stuurboord want daar lijkt hij het breedst en diepst. Als maar dieper dringen wij door tot ongeveer 1/3e van het eiland. Dan gaat het anker overboord en leggen wij de kont tegen de wal. Het is net een slootje in Friesland maar dan met een prachtige kwelder rondom. We stappen van boord en zien tot onze stomme verbazing tientallen half uitgedroogde kwallen op de grond. Daar is maar één verklaring voor. Tijdens de storm van dinsdag is de Noordzee, tussen de duinen door dwars over het eiland gespoeld. Als wij later gaan wandelen zien wij dat de duinen aan beide kanten inderdaad verder weggespoeld zijn. Wij realiseren ons dat het hier gespookt heeft met een kolkende zee, breed tussen de duinen de hele kwelder bedekkend van Noord naar Zuid. Hoe hoog zou het water gestaan hebben? Wij wandelen door naar de Noordzee en dan weer terug.


Klik voor vergroting

Prachtige luchten, verlaten woestenij en neerslag zijn ons deel. Terug aan boord van Gulliver zetten wij de kuiptent en ontsteken de gloeiboei (= kachel op petroleum door Antoine M verbasterd tot gloeiboei).

Snel droogt de kuip weer op en hebben wij een oergezellige avond midden in een van de mooiste kwelders van het wad. Zou er wel voldoende water komen om weer te vertrekken vraagt Frans zich af. Rond 24.00 uur (=hoogwater) weten wij het antwoord. Als vanaf 21.00 uur het water nog niet stijgt worden wij een beetje bezorgd, maar wachten rustig af. Rond de klok van 22.00 uur nog geen water, dus wel gek. Nou ja, er zijn nog 2 uur te gaan. 22.30 uur nog niet veel activiteit, maar dan ineens begint het als een bezetene vol te stromen en om 23.00 uur drijven wij. Kennelijk het effect van de drempel. Nou als er nu genoeg water is moet het morgen (=hoger) zeker lukken.



Gerustgesteld gaan wij te kooi. Volgende morgen ontbijt en om ca. 7.00uur verlaten wij de ankerplek met ruim voldoende water. Een prachtige tocht op fok en druil met bakstagwind west volgt. Wij glijden door de slenk, over de drempel en zetten in dieper water het grootzeil bij en zetten koers naar de duidelijk zichtbare spuisluizen van Lauwersoog. Wind krimpt een beetje maar de bestemming blijft net bezeild. Als de wind aantrekt zetten wij een rif wat direct comfortabeler zeilt. Wij besluiten de laatste nacht in Zoutkamp door te brengen, dus schutten en we hebben een mooie, doch zeer natte tocht. Best wel aardig door een steeds smaller wordende Lauwersmeer (Slenk en Zoutkamperril) tot wij uiteindelijk in Zoutkamp rond de klok van 17.00 uur arriveren.


Een zaterdagavond stappen in een modern uitgaanscentrum hadden wij ons niet voorgesteld, maar in elke kroeg de Cats en meer van de jaren ’70 ging wel wat ver. Overigens ging niet alleen de muziek, maar ook de inrichting van het etablissement niet veel verder dan de jaren ’70. Toch nog lekker gegeten, biertje en biljard partij met de uitbater en de avond was compleet.

Zondag nog spectaculair gezeild met ’s middags windkracht 6. Veel zeilers genoten van een van de laatste dagen van het seizoen waaronder een prachtige, statige Cornisch Pilot Cutter (zie je ook niet elke dag) en een Drascombe met veel tuig, terwijl wij slechts, fok en druil voerden. Hij ging dan ook wel erg schuin. Regelmatig dacht ik, nu gaat hij om maar telkens loefde hij op tijd weer op. Zeer spectaculair maar met het avontuur van de Malle Mok vers in het geheugen misschien niet zo verstandig. Begin van de middag weer in de Noorderschans en al snel met Gulliver achter de auto geknoopt, tevreden huiswaarts. Wij hebben al vele tochten op het wad gemaakt, maar telkens is het weer anders, zeker ook deze keer. Dat maakt het wad zo aantrekkelijk waardoor wij ook in ongewone tijden van het jaar de elementen graag trotseren.

B.G. Suurenbroek
Schipper van "Gulliver"