Ervaringen met het dubbelroer op de DC Wilster


RVS roerblad met schroef

Met als thuishaven Schiermonnikoog vaart de Wilster vrijwel altijd op getijde water, zelden staat het waterniveau stil, meestal stijgt of daalt het, de beschikbare diepte is buiten de geulen altijd een inschatting. Alleen in de geulen blijft bij eb, geheel laagwater dus, nog voldoende diep water beschikbaar voor het zeilen. Mede daardoor is de beschikbare vaartijd buiten de geulen beperkt.

Reeds jaren geleden probeerde J÷rn van Boven, overigens met succes, de diepgang zeilend van zijn cruiser Tantra II door een achter de spiegel aangehangen roer te verminderen en daarmee uitbreiding van die beschikbare vaartijd te creŰren. De wijze waarop deze oplossing technisch was uitgevoerd kon weinig handen op elkaar doen brengen.

Toen dan ook in oktober 2012 Michel Maartens melding maakte van een video-opname van een door Carol Fuchs op de DC Mellon uitgevoerd z.g. dubbelroer ter hoogte van de bun voor de buitenboord motor, was mijn interesse direct gewekt. De video-opname deed mijn hart sneller slaan en was aanleiding om met Carol contact op te nemen. Zijn bereidheid tot het geven van informatie alsook de door hem beschikbaar gestelde nauwkeurige schetsen van de bestaande en andere wijzen waarop de verbinding tussen helmstok en roerbladen uitgevoerd kon worden, deden mij besluiten dezelfde uitvoering van het dubbelroer met een z.g. vaste verbindingsstang op de Wilster te monteren. De rvs delen liet Carol zich toeleveren, de roerbladen werden door hemzelf van 19 mm dik hechthout gemaakt. Vanwege het drijfvermogen van de hechthouten roerbladen, werden deze door hem met lijntjes onder water getrokken.

Inmiddels was ook Peter Hendriks van de Argo in het dubbelroer ge´nteresseerd geraakt en was Carol bereid identieke delen als die hij voor de Mellon gebruikt had ook voor de Argo en de Wilster te doen fabriceren door zijn rvs plaatverwerkende leverancier. In januari van dit jaar, terwijl het buiten nog vroor, werd het dubbelroer door Michel Maartens in de Argo gebouwd. Carol kwam daartoe ter assistentie volledig belangeloos vanuit Duitsland naar Spakenburg. Voor mij, wonend in Hoevelaken was dat een ideale mogelijkheid om met weinig moeite kennis van het inbouwen te kunnen nemen. Tevens had ik mij voorgenomen de lijntjes voor de roerbladen overbodig te maken.


Roerblad met vulplaten

Terwijl Michel en Carol de inbouw van de rvs roerkoningen verzorgden werden op die zaterdag in Spakenburg door mij twee testroerbladen van Trespa uit 6 mm materiaal gemaakt. Waarom zo dun? Omdat op dat moment geen dikker Trespa voor mij voorhanden was. Carol had gelijk, het materiaal was niet sterk, niet dik genoeg en brak bij de eerste testvaart van Peter jammerlijk. Voor het overige was het inbouwen van de rvs delen in de Argo met de instructies van Carol goed te doen voor mensen die twee rechterhanden en een beetje technisch gevoel voor hun boot hebben. Wel ook even besluiten wat te doen met de overloop, vervangen, verhogen of niet meer laten overlopen, maar anders inschoren vanuit midscheeps.

Door omstandigheden kon ik vanuit Hoevelaken slechts met veel onderbrekingen aan de inbouw van het dubbelroer op de Wilster in de winteropslag te Schiermonnikoog werken, waardoor de Wilster eerst op 2 juli te water ging. In die tussentijd kwam ik in het bezit van enkele stukken nylon snijplank van 19 mm dik voor de beide roerbladen, sterk, dik en zwaar genoeg om niet onder water getrokken te hoeven worden en mogelijk zwaar genoeg voor de functie.

De eerste zeilervaringen waren direct al verrassend en geruststellend, het functioneerde perfect en was direct al beter dan het eerdere, overigens ook door mijzelf aangebrachte roer. De nieuwe constructie echter was niet alleen beter, maar zeilde ook op water dat nagemeten niet meer dan 50 cm diep was en ook toen nog de bodem niet raakte!


Roerbladen

Wel stelde ik vast dat de beide roerbladen niet zwaar genoeg waren en beter functioneerden wanneer ze dieper naar beneden gestoken waren en besloot de nylon roerbladen provisorisch met lood te verzwaren. Uiteraard niet mooi, maar wel functioneel, het werkte en nu zelfs zodanig goed dat bij overgang van diep naar ondiep water of omgekeerd geen handelingen voor het ophalen of laten zakken van de roerbladen vereist waren. Ook het slepen van de bladen over de bodem kon ik niet vaststellen.

Met dit in het achterhoofd en Carols waarschuwing toch vooral niet een te lichte materiaalsterkte te nemen, heb ik de vorm en afmeting van de nylon roerbladen laten uitvoeren in 5 mm rvs en het dikte verschil t.o.v. de nylon roerbladen met op maat gemaakte 7 mm dikke Trespa vulschijven opgevangen.

Toegegeven, ik heb met de rvs roerbladen slechts de laatste week in augustus meerdere malen kunnen zeilen bij verschillende windsterktes tot windkracht 5. Op diep water en op ondiep water werkten de roerbladen perfect. In de diepste stand is enige aandacht voor een mogelijk conflict met de schroef van de buitenboordmotor wel op zijn plaats. Veel hangt hierbij af van de afmetingen van de buitenboordmotor. Een goede mogelijkheid is de roerbladen bij het gebruik van de buitenboordmotor iets omhoog te halen.


Overzicht achterschip

Door gezondheidsomstandigheden binnen het gezin wordt er dit najaar niet meer gezeild met de Wilster, maar de ervaringen tot nu toe zijn zeker aanleiding om uit te zien naar het komend zeilseizoen!

Graag wil ik dank zeggen aan Michel Maartens om mij op de uitvinding van Carol Fuchs attent te maken. Zeker wil ik ook dank zeggen aan Carol Fuchs voor de belangeloze bemiddeling, hulp en precieze aanwijzingen, die mij goed op gang hielpen en in die zin een grote steun in de rug waren.

Hoevelaken, september 2013;
H.J. Scheepstra