Mijn kompas

Tijdens het laatste zomerweekend was er nogal wat belangstelling voor mijn magnetisch kompas. Ik geef toe dat het formaat van mijn kompas niet erg in overeenstemming is met de robuuste lijnen van mijn Drascombe Coaster. Het kompas is nogal groot uitgevallen. Ik kan dat uitleggen.

Ik kocht het kompas via Internet. Tijdens de wintermaanden in een verloren momentje surfte ik tegen het kompas op. Zo kwam ik terecht bij iemand die een gridkompas te koop aanbood. De bijbehorende foto zag er goed uit. De aanbieding stond al enige tijd en ik kon zien dat er geen biedingen meer open stonden. De afmetingen waren niet vermeld. Een gridkompas heeft een vlakke bovenkant en een draaibare rand met een gradenverdeling. De truc is om de schijf zo te draaien dat de gewenste kompaskoers wijst in de richting van de boeg. Leg de kaart onder het kompas waarbij de noord-zuidlijn parallel loopt met de noord-zuid lijn van het kompas. Vervolgens stuur je recht op je doel af.

Ik belde de aanbieder. Deze vertelde mij dat het kompas jarenlang als reservekompas in zijn zeegaand jacht ergens onder in een la had gelegen. Bij de verkoop van zijn schip was het kompas achter gebleven en nu na nog een aantal jaren de sokkenla te hebben gevuld, bood hij het te koop aan. We kwamen overeen dat ik het kompas mocht hebben voor 30,--. Dat leek mij heel reel, dus werden wij het eens. Naar de omvang van het apparaat vroeg ik niet waarschijnlijk omdat ik een duidelijk beeld had van een gridkompas en de daarbij gebruikelijke afmeting.

Eigenlijk had ik geen kompas nodig. Toen ik mijn Coaster kocht, dacht ik aan een eenvoudige GPS voldoende te hebben. Dat is ook zo. Ik lees alles wat ik moet weten af van het toverdoosje. Plaats, richting en snelheid, maar zelfs ook mijn verticale stijging indien ik tegen een waterval zou opvaren. Daarbij vaar ik met mijn Coaster zelden buiten het zicht van de kust, zodat ik altijd voldoende herkenningspunten heb op de wal.


Maar ik heb iets met kompassen. Een kompas hoort bij een boot. In het pre-GPS-tijdperk was een kompas onontbeerlijk als je op iets ruimer water wilde varen. Al gauw leerde je de regeltjes. Ware koers = kaartkoers + variatie + deviatie. Van kompas naar kaart is de fout zijn teken waard. Dat laatste betekent dat bij een oostelijke variatie of deviatie je een plus invult. Is de variatie of de deviatie westelijk dan vul je een min in.

De variatie las je af op de kaart. De deviatie bepaalde je door af en toe de boot om een paal te laten draaien en op diverse richtingen peilingen te doen. Uit de gevonden deviatie en de bekende variatie maakte je vervolgens een stuurtafel. Je was even bezig maar het was hobby.

Polyester en de GPS hebben dat allemaal overbodig gemaakt. De GPS wijst precies het werkelijke noorden aan en polyester heeft geen deviatie. Maar toch. Ik miste de romantiek van het navigeren. De opluchting en tevredenheid als de inspanningen werden beloond met een kloppend bestek. Kortom ik miste mijn kompas. Dus deed ik de onnodige aankoop.

Een probleem was dat de man aan de andere kant van Nederland woonde. Ophalen was geen optie omdat met de extra kosten van een tank benzine ik net zo goed een nieuw kompas kon kopen. Het instrument leek ons ook te kwetsbaar om op te sturen. De verkoper had een contact in Leiden en we spraken af dat hij, als het zo uit kwam, het kompas aan deze persoon zou meegeven.

Drie maanden later, ik was het hele kompas vergeten, belde iemand mij op met de mededeling dat ik een kompas bij hem kon ophalen. Ter plaatse aangekomen werd mij de ware omvang van het kompas pas echt duidelijk. De prijs leek opeens belachelijk laag wat toch wel op zijn minst een alarmbel had moeten doen over gaan. Maar ja het kompas zag er goed uit en mankeerde zo te zien niets op een klein luchtbelletje na. Dus ik betaalde en nam het kompas mee.

Ik blij het kompas in mijn Coaster gemonteerd. Echter tijdens mijn eerste vaartocht was het kompas steeds moeilijker af te lezen. Na enige tijd was de roos helemaal niet meer te zien door de troebele vloeistof. Na het kompas enige tijd rust te gunnen werd de roos langzaam aan weer leesbaar. Niet echt glashelder maar bruikbaar.


Op een regenachtige zondagmiddag ben ik er eens goed voor gaan zitten. Eerste haalde ik de ketel uit de kunststof behuizing. Dat ging vrij gemakkelijk. De vuldop aan de ketel kreeg ik zonder problemen los. De vloeistof, die ik in een glas goot, bleek uit twee soorten te bestaan die niet de neiging hadden zich met elkaar te mengen. Vermoedelijk was een deel op alcoholbasis en het andere deel op terpentinebasis, althans zo rook het. De terpentine was zwart door een fijn bezinksel dat in rust op de bodem van het glas neersloeg. Vermoedelijk was er geprobeerd een luchtbel weg te werken en was daarvoor de verkeerde vloeistof gebruikt.

Met een pijpenrager heb ik zo goed mogelijk geprobeerd de binnenkant van de ketel en de kompasroos van de fijne zwarte aanslag te ontdoen. Dat viel niet mee omdat ik dat moest doen door de nauwe opening van de vuldop. Na vele pijpenragers en nog meer geduld was de meeste troep verwijderd.

Ik besloot de ketel te vullen met n vloeistof. Aangezien de meeste oorspronkelijke vloeistof terpentine was, vulde ik de ketel met terpentine. Dat lukte niet. Althans ik kreeg de ketel niet vol. Er bleef een luchtbel.


De luchtbel bleek zich aan te passen aan de temperatuur van de omgeving. Werd het kouder dan werd de bel groter, werd het warmer dan werd de bel kleiner. Benieuwd wat er zou gaan gebeuren als ik de vloeistof verder zou afkoelen legde ik het kompas in het vriesvak van de koelkast. Na een uur bleek de bel te zijn uitgegroeid tot een luchtbel van formaat. Het afvullen van die luchtbel lag voor de hand maar was niet slim. De vloeistof zette teveel uit bij het warmer worden en met een venijnig krakje barste het glas. Het einde van een aardig experiment. Gefrustreerd deponeerde ik de restanten in de schuur in de hoek van de overbodige rommel.

Maar het bloed kruipt toch. Een paar weken later had ik het kompas ineens weer in mijn handen. Zomaar. Bij nadere bestudering van de ketel bleek dat de bodem bestaat uit ribbels. Deze ribbels kunnen enige vervorming van de ketel opnemen, maar daar zijn wel beperkingen aan. De druk in de ketel moet dus beperkt blijven. De ketel is van koper. Een koperen ring valt om de bovenkant van de ketel en klemt met 40 lipjes het glas aan de ketel vast. Tussen het glas en de koperen ring lag een dunne rubberen ring. Voorzichtig kon ik de lipjes een voor een ombuigen. De plaatselijke glashandel maakte op de vereiste dikte een mooi passend rond glaasje. Door het ontbreken van het glas kon ik het binnenwerk van het kompas goed schoonmaken. Ik had geen goed gevoel bij terpentine als vloeistof. Een zoektocht op Internet bracht mij op een site van een knutselaar die met succes een kompas had gevuld met alcohol van 96% (ketonatus). Hij voegde daar wel een scheutje babyolie aan toe voor de smering van het draaipunt. De alcohol bleek gewoon bij de drogist te koop. Mij werd alleen gevraagd of het spul voor inwendig of uitwendig gebruik was.

Het in elkaar zetten was verder niet echt moeilijk. Eerst de roos op zijn plaats, de rubberring op de rand van de ketel, het glasplaatje daar overheen en tenslotte de koperen ring met de 40 lipjes. Vervolgens voorzichtig de lipjes terugbuigen en klaar! Maar na het vullen van de ketel bleef de rand van het glas vochtig. Het glas bleek niet volledig dicht op de ketel aan te sluiten. De rubberen ring was teveel ingedroogd en daardoor te hard geworden om nog goed af te sluiten. Wat doe je dan. Je gaat nog even met een tangetje langs de lipjes om ze nog iets vaster aan te zetten. En jawel!


Glas blijkt niet goed tegen puntlasten te kunnen, dus glaasje in tween. De restanten van het kompas belandde wederom in de rommelhoek van de schuur. Thuis mocht er niet meer over kompassen worden gesproken.

Inmiddels had ik een ander klusje. De ramen van mijn Coaster, iets te strak gemonteerd (in Engeland), waren tijdens de warme zomerdagen gebarsten. Onverwijld werden mij nieuwe ramen toegestuurd inclusief de nodige kit voor bevestiging. Wat bleek. De ramen zijn gemonteerd in siliconenkit. Mij viel op dat het bevestigen zonder enige druk mogelijk was, terwijl de ramen absoluut waterdicht in de sponning kwamen te zitten.

Ik dacht meteen weer aan mijn kompas. De glashandel, ze leefde daar erg met mijn project mee, maakte tegen dezelfde vergoeding weer een nieuw glasplaatje. Gelukkig kon ik de lipjes nogmaals terugbuigen zonder dat er een kapot ging. Bij het in elkaar zetten verving ik de rubberring door een randje siliconenkit. Het glas zoog zich al het ware vast aan de ketelflens. Op het glas plaatste ik vervolgens de rubberring, zodat de lipjes niet meer direct op het glas drukten. Na het voorzichtig aandrukken van de lipjes bleek het kompas volledig dicht te zijn.

Nu nog de luchtbel. Ik legde het flesje ketonatus slechts korte tijd (15 minuten) in de koelkast. Niet in het vriesvak. Vervolgens vulde ik het kompas totdat er nog een royale luchtbel over was met de ketonatus en een scheutje babyolie.

Gebiologeerd keek ik naar het langzaam kleiner worden van de luchtbel toen het kompas langzaam opwarmde. Uiteindelijk verdween zelfs het laatste puntje en was het kompas luchtbelvrij. Toen was het wachten op de knap van het glas. Die kwam niet. Na een paar dagen durfde ik zelfs het kompas in de zon in de boot te gebruiken. Er gebeurde niets.

Uiteindelijk had ik een goed en nauwkeurig werkend kompas met een heldere roos. Het wat grote formaat is handig bij het aflezen als je wat bijziend bent. De moraal van het verhaal: Koop alleen voor weinig geld een kompas op Internet als je beschikt over een gedegen portie geduld en voldoende vrije tijd.

Meke Bootsma
Coaster Dirk