Rondje KrK

Een Smisiaanse gezinstocht

De zomervakantie van 2012 breekt aan. Adriana heeft langer vrij dan ik, ze is met de jongste dochter vooruit gereisd. Als ook onze oudste dochter vrij heeft, zoeven wij over de Autobahn naar Kroatie.

Het is warm en aanzienlijk drukker dan in de meivakantie. Als ik welkom word geheten door de familie, kijk ik met een schuin oog naar onze Coaster Pepe. Ze staat netjes in de tuin, onder een afdekzeil in de zomerzon te branden. Ik neem me voor om de boot de volgende dag te water te laten en alles voor te bereiden voor onze tocht. Het plan is om met het gezin een rondje om het eiland Krk te varen, althans zolang het leuk is met twee volwassenen en twee kinderen (3 en 6) op een Coaster. Mocht er muiterij uitbreken, dan nestelen we ons op een camping. Na jaren van dagtochtjes, kan ik mijn voorkeur voor een zwerftocht nauwelijks verbergen.


Winterklusje. Klik voor vergroting

De volgende dag blijken er tot mijn grote ergernis vijftien rode Ferrari’s voor de uitgang van de tuin te zijn geparkeerd. De eigenaren blijken te vertoeven in het luxueuze hotel tegenover het huis van mijn schoonfamilie. De receptioniste trekt bijkans wit weg als ik haar mijn voornemen vertel om met auto en trailer langs de Ferrari’s te rijden; met een paar keer steken moet het zeker lukken. Om het potsierlijke geluk niet te schaden en zodoende de lieve vrede te bewaren, stel ik mijn plannen uit tot de volgende dag.

De eerste nacht aan boord is onrustig. Iedereen moet duidelijk wennen aan de begrensde ruimte aan boord. Bovendien laten gasten op de naastgelegen camping lang van zich horen, zo ook de muggen. Dit belooft niet veel goeds, in mijn dromen zet ik de tent verschillende keren op. Eigenlijk is het bed in de kuip het enige positieve. Dit ontstaat door de vlonder te verhogen en te verbreden: mijn winterklusje slaapt wonderwel.

Ik moet praten als Brugman om te voorkomen dat de familie de volgende ochtend afmonstert. Gezien de bonaza, windstilte met spiegelgladde zee, besluiten we op de motor naar het noorden van het eiland Krk te varen. Eenmaal uit de engte, blijkt er op het ruime sop van de Istrische oksel een zachtlopend windje te staan. Met grote slagen laveren we naar het plaatsje Njivice. Daar maken we een wandeling, doen wat boodschappen en nuttigen een warme maaltijd. ‘s Middags varen we verder naar een baaitje om te zwemmen en te overnachten.

Dit concept blijkt de volgende dagen goed te bevallen. We vertrekken vrij laat in de ochtend, eerder heeft doorgaans geen zin omdat er geen wind staat. Na wat luieren varen we - al dan niet op de motor - naar een stadje waar we de benen strekken en de innerlijke mens vertroetelen, dat laatste vooral met ijsjes die de kinderen bij goed gedrag in het vooruitzicht zijn gesteld. Op een soepje of een kop koffie na, koken we nauwelijks. Het is voordeliger om de warme maaltijd buitensboot te nuttigen en, ik zal het niet ontkennen, in de vakantie zijn we liever lui dan moe. De opstekende flauwte in de middagen benutten we om een mooie plek voor de nacht te vinden. Deze zijn makkelijk te vinden, zodat kostbare havengelden voorkomen kunnen worden. We kijken vooral uit naar kleine ondiepe baaien waar we dicht onder de kust kunnen ankeren. De meegenomen bijboot blijkt zelden nodig voor het overzetten van de clan. De kinderen gebruiken de boot vooral als welkome aanvulling op de toch wat beperkte speelruimte.


Klik voor vergroting

Tegen de klok in omzeilen we het eiland Krk. Daarbij doen we onder andere Torkul, Grad Krk en Punat aan. Op de zuidpunt aangekomen steken we over naar het eiland Rab. Gerd Schouten heeft ons aangeraden te ankeren in de ondiepe baai Kamporska Draga. Dit blijkt een schot in de roos. In minder dan een halve meter water kunnen de kinderen zelf in en uit de boot stappen om op het strand te spelen. We blijven daarom wat langer en maken zelfs een dagtocht naar de middeleeuwse stad Rab. Daarbij wordt ons geduld flink op de proef gesteld. We wachten driekwartier op een bus die tweemaal per dag rijdt. Polako, polako (langzaam, langzaam) is toch wel het devies in Kroatië.

Als in de weerberichten gesproken wordt over stevige bura, besluiten we anker op te gaan en te verkassen naar een marina in Supertarska Draga. Daar worden we met verbaasde blikken ontvangen. De marina blijkt vol te liggen met pensionados, vooral uit Duitsland en Oostenrijk, die hier zomers lang verblijven. Blijkens stroomkabels en opgestelde satellietschotels, varen ze zelden uit. We zijn veruit het kleinste bootje dat die nacht en de daaropvolgende dagen geteisterd wordt door valwinden die oplopen tot windkracht 8-9 Bft. Onze Coaster siddert achter haar landvasten, maar geeft verder geen krimp. Met dit prachtige staaltje aanschouwend onderwijs begrijpen we waarom de eilanden in het Velebit kanaal zo kaal zijn. Overigens hulde aan Aerosails, de buiskap en tent bleven ondanks dit natuurgeweld snaar strak staan.

Op de terugreis doen we het voormalig gevangenis eiland Grgur aan, waar gevangen hebben plaatsgemaakt voor toeristen die de achtergebleven tamme hertjes voeren. Vervolgens varen we door naar Crikvenica. Er is weinig wind, waardoor we het laatste stuk op de motor varen. De kinderen vermaken zich met boekjes, spelletjes en filmpjes op de iPad. Aan het eind van de dag zet ik Adriana en de kinderen af in één van de kleine haventjes die Crikvenica rijk is. Ik vaar door naar Dramalj, waar Adriana me de volgende ochtend zal ophalen met de trailer. Als de zon ondergaat, drink ik tevreden een biertje in de kuip. Het bivakkeren met ons gezin op Pepe kent zijn beperkingen, maar in een warm land, waar je vooral buiten leeft, is daar gemakkelijk overheen te komen. Het is een genot om te kunnen zwerven langs de kust met azuurblauwe baaien. Eenmaal thuisgekomen berg ik de kampeerspullen dan ook met een grote glimlach op.

Vincent Boeschoten
Coaster Pepe


Klik voor vergroting