Zeilen met Murphy

Vrijdag 19 september 2009 wordt er van huis vertrokken voor afvaart Den Oever met als doel een bezoekje aan het Posthuiswad of in ieder geval iets dat daar op lijkt. IJs en weder diendende. Eenmaal bij de RWS helling gekomen blijkt deze dusdanig geblokkeerd dat hij totaal onbruikbaar is. Den Oever geblokkeerd. Klik voor vergroting

Vraagbaak Michel opgebeld en samen komen we tot de volgende punten:
  • Harlingen is geen optie want laag water als ik daar aankom,
  • andere mogelijkheid is Makkum. Daarom voor verdere inlichtingen de havenmeester van Den Oever gebeld. Wat blijkt, ik bevind mij temidden van de groot materieel voorbereiding van rampenoefening FloodEx
  • . De havenmeester geeft aan dat ook Makkum die dag niet zal gaan, blijft over Medemblik.

    Maar Medemblik ligt verder weg van het wad dan leuk is, enfin, als er niets anders is verliest zelfs de keizer zijn recht. Dus toch maar Medemblik.

    Daar aangekomen laat Murphy (die van die wet) mij temidden van een Laserwedstrijd terecht komen. De hele (overigens gigantische) helling is bezet. Na anderhalf uur is er een plekje vrij. Van daaruit toch maar koers gezet naar Den Oever. .s Avonds pas te 2200 geankerd naast die vermaledijde onbruikbare helling. De toren geeft inmiddels een verlaging van 40 centimeter aan met voor de volgende dag een windverwachting 'variabel 1 tot 3'. Ik begin mij zo langzamerhand af te vragen of Murphy ongevraagd mee vaart en besluit hem niet verder uit te dagen en op het zoet te blijven. Uit de tijd dat ik free lance op platbodems schipperde dateert een gebeurtenis die nu wel verhaalt mag worden: in dichte mist een frontale aanvaring met de splitsingston bij Workum.

    Daarom dan vandaag ook het idee om daar eens heen te zeilen en te kijken of het spul al weer gerepareerd is (het topteken lag er bijna af). Echter, ter hoogte van De Vlieter geeft de wind er de brui aan en lig ik urenlang dobberend mijn boek te lezen. Later komt er dan toch weer een zuchtje en kan ik mijn missie vervolgen.

    Inmiddels Seagull zelfsturend gemaakt hebbend ga ik verder met mijn boek en zo nu en dan eens kijken of alles nog goed gaat. Totdat. Murphy er voor zorgt dat ik lange tijd helemaal nergens meer naar kijk (goed boek). Ondanks zijn aandringen kijk ik nog net op tijd naast mij om te zien en te zorgen dat ik zo.n grote gele ton mis op twee (2) centimeter afstand. Dit probleem is natuurlijk ook een gevolg van het niet bij mij hebben van de IJsselmeerkaart. Die ligt thuis, Murphy had mij blijkbaar voor vertrek wijsgemaakt dat ik die niet nodig zou hebben.

    Om een lang zelfsturend verhaal kort te maken, door het voortdurend ruimen en krimpen van de wind kan ik Workum uiteindelijk toch niet meer bezeild hebben en kom uit bij de toren van Hindelopen. Eenmaal daar aangekomen bedenk ik dat ik al heel lang niet bij het Drascombe haventje van Laaxum ben geweest en datzelfde haventje vast ook zonder kaart te vinden moet zijn.

    Ondertussen Seagull ook op de nieuwe koers zelfsturend gemaakt om op mijn gemak te koken. Dat gaat gelukkig voorspoedig, maar na het belopen van Stavoren wordt de wind weer steeds zwakker terwijl ik toch wel graag met de schemering nog Laaxum wil aanlopen (maanloze nachten). Dat wordt dus zeilen en roeien tegelijk. Murphy probeert intussen Aeolus er van te overtuigen dat het nu lang genoeg gewaaid heeft, maar de God van de wind laat zich door deze wettenmaker gelukkig niet te veel gezeggen.

    Laaxum wordt volgens plan bereikt, er wordt ook vastgeknoopt, maar op de een of andere duistere manier blijkt Seagull een aantrekkende werking te hebben op allerlei vreemd gedierte zoals vier oorwurmen, zes spinnen en een waar legioen muggen. Juist tijdens deze invasie begint mijn bovenwindse buurman iets in de brand te steken wat toch verdacht veel naar Nederwiet ruikt. Op dat moment besluit ik in het pikkedonker de haven weer te verlaten, Murphy zo zijn zin te geven en op het ondiepe gedeelte niet ver van het haventje af te ankeren. Eenmaal daar aangekomen en geankerd toch maar een overheerlijk Blauw Handje genomen om van de doorstane zorgen te bekomen. Lekker geslapen.

    De laatste dag op gegist bestek richting Medemblik, halverwege bij gaan liggen om soep te warmen en een kopje koffie te drinken. Bijliggen is een schone zaak, staat elders in de ElectroBaD te lezen en dat is ook zo, bijliggen met het grootzeil over bakboord nog schoner, omdat je dan voorrang hebt.

    Ook is het vermakelijk om te zien dat andere bootvaarders moeite hebben met het schatten van jouw snelheid hetgeen resulteert in een paar vreemdsoortige ontwijkingsmanoeuvres. Heb later nog bijgelegd op fok en druil en nog weer later op druil alleen, om het allemaal maar eens gedaan te hebben. In de buurt van Medemblik komend blijkt Murphy voor deze dag niet alleen de Laservloot uitgenodigd te hebben maar ook een nest catamarans. Het is dus niet druk op het water en de helling maar DRUK. Toch blijkt het mogelijk Seagull nog voort de grote massa op de kar te krijgen, het aftuigen heb ik daarna maar gedaan. Gelukkig bleef Murphy een beetje uit de buurt tijdens traileren en naar huis rijden. Zijn laatste grapje was om te zorgen dat ik borstbout en pennetje van de rolfok vergeet op te ruimen. Die vind ik thuis bij afwezigheid van Murphy terug, één centimeter verwijderd van het loosgaatje.

    Albert van der Haven
    Cruiser Longboat Seagull